Uw thermostaat is slimmer dan uw minister
En dat is geen grapje. Dat is wiskunde.
Door Jacobus van Merksteijn · 12 min lezen · 28 mei 2026
Het rekensommetje
Er wordt 20.000 euro gestolen. Het oplossen kost 73.000.
U weet binnen drie seconden wat u moet doen: niets. Laten liggen. Doorgaan met uw leven. Iedereen met een huishoudboekje begrijpt dit.
De overheid niet. De overheid stelt een commissie in. Huurt consultants. Schrijft een protocol. Houdt een persconferentie. Geeft 73.000 euro uit om 20.000 terug te halen, en noemt dat daadkracht.
53.000 euro extra verlies. Uw geld. Mijn geld. Verbrand als brandstof voor een persmoment.
En u betaalt. Elke maand opnieuw. Voor mensen die niet kunnen rekenen, maar wel mogen besturen.
Wat een thermostaat wel begrijpt
Pak uw thermostaat. Het stomste apparaat in uw huis. Geen diploma, geen kabinet, geen adviesraad. En toch slimmer dan de hele Tweede Kamer.
Hij heeft iets wat een dode band heet. U zet hem op 20 graden. Bij 19,9 doet hij niets. Bij 20,1 doet hij niets. Hij grijpt pas in als het echt nodig is.
Waarom? Omdat een thermostaat die op elke 0,1 graad reageert binnen een week kapot is. Hij schakelt zichzelf naar de vernieling. Elke ingenieur weet dit. Eerstejaars studenten regeltechniek leren dit in de eerste week. Het is geen mening, het is een natuurwet.
Elke regelaar in elke fabriek werkt zo. Elk vliegtuig. Elke auto. Elke pacemaker. Een regelsysteem zonder dode band oscilleert zichzelf dood. Punt.
De Nederlandse overheid heeft geen dode band. En precies dat zien we al dertig jaar gebeuren. Alleen noemen we het "beleid".
De toeslagenaffaire was geen ongeluk
We hebben de toeslagenaffaire weggezet als incident. Als bestuurlijk falen. Als vooroordelen. Als een systeem dat "ontspoorde".
Onzin.
De toeslagenaffaire was de logische uitkomst van een overheid die jaagt op honderden euro's bij alleenstaande moeders met een handhavingsapparaat dat per zaak tienduizenden euro's kost. Dat is geen ontsporen. Dat is exact wat een regelsysteem zonder dode band doet: zichzelf vernielen op kleine afwijkingen, en de mensen waar het op gericht is meeslepen in de val.
De uitvoerders waren geen monsters. Ze deden hun werk. Het werk was het monster.
En weet u wat het ergste is? Het systeem is niet veranderd. We hebben sorry gezegd. We hebben wat geld uitgekeerd. We hebben een paar mensen vervangen. En de motor draait gewoon door — alleen iets voorzichtiger met wie hij ditmaal vermaalt.
De volgende toeslagenaffaire is al onderweg. Niemand weet alleen nog wélke groep er nu aan de beurt is.
Het is overal. Kijk maar.
De zzp'er die geen personeel heeft, geen klantgegevens opslaat, en toch een AVG-protocol moet bijhouden. Beschermd: niemand. Verspild: een week van haar leven. Per jaar.
De ondernemer die 5.000 euro subsidie aanvraagt en 3.000 euro moet betalen aan een accountant om te bewijzen dat hij het echt heeft uitgegeven. De accountant lacht. De staat fronst. De ondernemer is 60% van zijn subsidie kwijt voordat hij iets heeft gedaan.
De speeltuin die wordt gesloten omdat de keuring duurder is dan het toestel. De kinderen spelen niet meer buiten. Maar de keuringsinstantie heeft een mooi jaarverslag.
De buurman die zijn boom niet meer mag snoeien zonder vergunning. Twee maanden wachten. Drie formulieren. Vijfhonderd euro. Voor een tak van twee meter.
Elke regel afzonderlijk klinkt redelijk. Iedere ambtenaar die hem verzon had een goed verhaal. Een mooi moment in een vergaderzaal. Een aanhoudende glimlach.
De optelsom is een land dat zichzelf wurgt. En de mensen die het wurgkoord aanhalen krijgen elke vier jaar promotie.
Waarom dit blijft gebeuren
Omdat het systeem mensen beloont die ingrijpen, en straft die niet ingrijpen.
Een minister die "krachtig optreedt" haalt het journaal. Een minister die uitrekent dat optreden duurder is dan het probleem en daarom niets doet, haalt ook het journaal — als wegkijker. Als verzaker. Als "iemand die niets doet aan misstanden".
Wie een nieuwe regel maakt, krijgt krediet en een lintje. Wie een oude regel schrapt, krijgt zes belangengroepen tegen zich, een rechtszaak, en een artikel in de Volkskrant dat insinueert dat hij gevaarlijk is.
De wiskunde is simpel: het regelsysteem groeit altijd. Elke wet komt erbij. Bijna geen wet gaat eraf. Dertig jaar later staat u in een land waarin u zonder vergunning niet meer mag bestaan, en niemand kan u nog uitleggen waarom.
Dit is geen complot. Het is luiheid plus prikkels. En het is moedwillig in stand gehouden door iedereen die ervan leeft — en dat is een leger.
Eén regel. Niet meer.
Ik stel één regel voor. Eén. Geen subcategorieën, geen uitzonderingen, geen comités van wijzen die de regel mogen "interpreteren" omdat dat hun beroep is geworden.
Elke wet, controle of correctie moet aantonen dat de uitvoeringskosten lager zijn dan de schade die wordt voorkomen. Zo niet: laten liggen.
Klaar. Dat is alles.
Geen ethiek. Geen politiek. Geen "ja maar het signaal". Een getal tegen een getal. Probleemkosten boven, oplossingskosten onder, deelstreep. Boven de 1: niet doen. Onder de 1: doen. Een rekenmachine van vijf euro kan het.
En precies daarom zal het worden bestreden. Want elke bestuurder, elke ambtenaar, elke consultant, elke handhaver, elke toezichthouder die nu zijn brood verdient aan correcties die meer kosten dan ze opleveren — die staat dan met lege handen.
Goed. Laat ze maar wat anders gaan doen. Iets nuttigs misschien.
Wat blijft liggen — en waarom dat geen zwakte is maar volwassenheid
Met deze regel blijft een deel van de problemen onopgelost. Kleine fraude. Marginale overtredingen. Symbolische incidenten waar de krant nu een hele kolom aan wijdt en waar iedereen na een week niets meer over weet.
Dat is geen falen. Dat is volwassen worden als samenleving.
We accepteren elke dag dat mensen sterven in het verkeer omdat we de snelheid niet op 30 zetten. We accepteren dat sommigen ongezond eten omdat we suiker niet verbieden. We accepteren honderd risico's die statistisch veel groter zijn dan wat dan ook in een bijstandsdossier.
Maar zodra het over geld gaat — fraude, subsidies, een euro hier of daar — wordt elke afwijking ineens onverdraaglijk. Dat is geen consistentie. Dat is een morele kramp. Een reflex die ons geld kost en mensen kapotmaakt.
Wie alles wil bestrijden, bestrijdt vooral zichzelf. En zijn buren. En zijn kinderen. En zijn toekomst.
Het tegenargument, en waarom het laf is
"Maar dan accepteren we onrecht. Dan geven we het verkeerde signaal."
Spaar me.
We accepteren nu ook onrecht. Alleen verstoppen we het. Elke euro die naar handhaving van een honderd-euro-fout gaat, gaat niet naar het kind dat geen bril krijgt. Niet naar de zorgmedewerker met burn-out. Niet naar de wachtlijst voor jeugdzorg. Niet naar de buurman die werkelijk hulp nodig heeft.
Het onrecht dat we niet zien is niet kleiner. Het is alleen stiller. En een bestuurder die alleen reageert op lawaai is geen bestuurder. Dat is een windvaan met een ambtsketen.
Wie tegen dit principe is, moet me één ding uitleggen: waarom is het beter om 73.000 uit te geven aan een diefstal van 20.000? Geef me het getal. Geef me de berekening. Niet het sentiment.
Ik wacht.
Tot slot
Van piloten eisen we dat ze rationeel afwegen. Van artsen ook. Van ingenieurs, boekhouders, schippers en kraanmachinisten. Allemaal vakmensen die elke dag moeten kiezen welke risico's de moeite van het verkleinen waard zijn en welke niet.
Van bestuurders verwachten we het tegenovergestelde. Dat ze elk probleem aanpakken, ongeacht wat het kost. En als iemand voorstelt om dat niet meer te doen, krijgt hij te horen dat hij hardvochtig is.
Hardvochtig is niet de rekenmeester. Hardvochtig is degene die zonder rekenen het geld van anderen verspilt aan zijn eigen morele exhibitionisme.
Een overheid met een dode band is geen onverschillige overheid. Het is een volwassen overheid. Een die accepteert dat haar middelen eindig zijn, dat haar correcties zelf schade veroorzaken, en dat niet-handelen soms de meest beschaafde keuze is.
Niet elke afwijking is het corrigeren waard.
En het is hoog tijd dat we van onze bestuurders gaan eisen wat we van een thermostaat van veertig euro al lang vanzelfsprekend vinden.
Anders kunnen we beter de thermostaat tot premier benoemen. Hij doet het in elk geval goedkoper.