Taal · Nederlands

Het Open Vizier

Onafhankelijk informatieblad · Nederlandstalig

September 2026
Gratis informatieblad zonder reclame — Onafhankelijk, geen mening, geen verkoop van gegevens — Houd mij op de hoogte →
Onderzoek · Volledig rapport · V29 · September 2026

De Vijf Ontwikkelingsassen

Volledig rapport — Lichaam, gevoel, aandacht, taal en gevoelsblindheid. 114 grafieken met beschrijving en bron.

Door Jacobus van Merksteijn

De Vijf Ontwikkelingsassen — Volledig rapport

Dit volledige rapport (v29) bevat de integrale analyse van vier verlieslagen die Nederland gelijktijdig raken: opvoedingscrisis, AI-arbeidsmarkttransitie, industrie-afbouw en talent-uitstroom.

De kortere kernuitwerking bestrijkt een deel van deze stof en is de eerste ingang voor beleidsmakers. Dit volledige rapport bevat alle 114 grafieken, alle onderbouwing en de complete bronnenlijst.

DE VIJF ONTWIKKELINGSASSEN

Lichaam, gevoel, aandacht, taal en gevoelsblindheid

Versie 11 — Volledig geïllustreerd met 110+ grafieken

Opvoedingscrisis, AI-transitie, industrie-afbouw en talent-uitstroom

Elke grafiek beschreven en onderbouwd

Jacobus van Merksteijn — September 2026

Leeswijzer v11

Dit is de tiende volledige versie van een integrale analyse van vier verlieslagen die Nederland gelijktijdig raken: opvoedingscrisis, AI-arbeidsmarkttransitie, industrie-afbouw en talent-uitstroom. In v11 zijn alle beschikbare grafieken uit eerdere sessies opgenomen, elk met beschrijving, methode en bronvermelding.

Nieuw in v11 t.o.v. v10:

Scenario-vertaaltabel:

Oude letter (in grafiek) Nieuwe naam (in tekst)
K basis Kortsluiting
K + herintrede Kortsluiting-plus
H shock Schokaanpak
I mediaheffing Mediarem
Internaten alleen Natuurinternaten
M integraal Integrale opvoedketen
N (M+AI) Toekomstgerichte opvoedketen
O koerswending Nederlandse Renaissance

Grafiekconventie in v10-grafieken (Deel B t/m F):

Deel A — De vijf ontwikkelingsassen

A.1 Vijf assen samengevat

As Kern Aanleg-tijdvenster Sterkste oorzaken bij falen
1. Lichaam motoriek, kracht, uithoudingsvermogen 0-7 j (eerste stollingsfase) Geen buiten spelen
2. Gevoel hechting, empathie, zelfregulatie 0-7 j Kinderopvang + moeder werkt
3. Aandacht focus, concentratie 0-7 j (eerste stollingsfase) Schermtijd
4. Taal verwoorden, lezen, analyse 7-14 j Schermtijd + onderwijs
5. Gevoelsblindheid 3D-vermogen: diepte-perceptie + dieptemotoriek + stereometrische cortex + stereometrisch denken + gevaar-en-grens 0-7 j basis, versterking 7-14 j via spel en beleving Schermtijd + geen buiten spelen + geen 3D-bouwen

A.2 Vijf ontwikkelingsassen per geboortecohort

Grafiek A.2 — Vijf ontwikkelingsassen per cohort 1960-2020 (1960
= 100)
Grafiek A.2 — Vijf ontwikkelingsassen per cohort 1960-2020 (1960 = 100)

Beschrijving: De vijf assen dalen alle vanaf cohort 1975, met uitzondering van ruimtelijk 3D-denken dat piekt in cohort 1990 (Flynn-piek). Vanaf cohort 2005 versnelt de daling op alle assen. Cohort 2020 zit op 65 tot 88 % van 1960-niveau.

Methode: Elke as genormaliseerd op 100 in cohort 1960. Waarden 1975/1990/2005/2020 per as afgeleid uit meetbronnen: KOMBO-motoriek (as 1), gezinsstabiliteit-index (as 2), NEA-focus (as 3), PIRLS/PISA (as 4), 3D-cubes + PISA ruimte-vorm (as 5).

Bron: Samenstelling van CBS, OESO PISA, Pietschnig 2015 (Flynn 3D-cubes), Erasmus MC.

Overzichtsgrafiek van alle vijf ontwikkelingsassen per geboortecohort, met 1960 als referentiepunt (=100). Cohorten 1960/1975/1990/2005/2020 op vijf assen. Ruimtelijk 3D-denken piekte in cohort 1990 (Flynn-piek), daarna versnelde daling op alle assen. Cohort 2020 zit op 65 tot 88 % van 1960-niveau. Cohort 2020 stroomt nu VMBO/HAVO/VWO in (stollingsfase S3, 14-21 j) en straks in HBO/WO (S4, 21-35 j). Alle vijf assen tegelijk beneden 1960-niveau betekent dat elke vervolgopleiding met minder basisvaardigheden moet werken. [Bron: Position Paper Tweede Kamer over PISA-leesvaardigheid (2024, 2024D10790), Pietschnig & Voracek, meta-analyse Flynn-effect (2015)]

A.3 Vijf componenten van gevoelsblindheid

Grafiek A.3 — Gevoelsblindheid als 5-componenten-functie
Grafiek A.3 — Gevoelsblindheid als 5-componenten-functie

Beschrijving: Gevoelsblindheid is de samenhangende functie-as van diepteperceptie tot dieptedenken tot risico-inschatting. Diepte-perceptieverlies is een SYMPTOOM van hetzelfde mechanisme, niet het probleem zelf.

Methode: Vijf componenten (elk 20 % gewicht in composietscore): A diepte-perceptie (stereoscopische input), B dieptemotoriek (KOMBO), C stereometrische cortex (Flynn 3D-cubes), D stereometrisch denken (PISA ruimte-vorm), E gevaar-en-grens (buitenspelen, bouwspeelgoed).

Bron: Synthese dit rapport.

Definitie-diagram van gevoelsblindheid als vijfde as met vijf componenten (A t/m E). Gevoelsblindheid = onvermogen om diepte te schatten en 3D-beeld in hersenen te vormen. Hoofdoorzaak: iPad-op-30-cm eelimineert diepte-input tijdens stollingsfase S1 (0-7 j) en S2 (7-14 j). Klassieke bijziendheid = symptoom, niet probleem. Component D (Stereometrisch denken) manifesteert in stollingsfase S3 (14-21) als wiskunde-onderwijs; universitair (S4, 21-35) als bèta-technische opleiding. Zonder S1+S2-basis kan S3 en S4 niet worden ingevuld. [Bron: TU Delft, 'Oplossen tekort aan ingenieurs vergt talentstrategie' (2026)]

De vijf componenten:

Deel B — Vier klassieke opvoedings-oorzaken

B.1 Kinderopvang — hoofdgrafiek v10

Grafiek B.1 — Kinderen in formele kinderopvang NL
1998-2075
Grafiek B.1 — Kinderen in formele kinderopvang NL 1998-2075

Beschrijving: Van 300 duizend (2001) naar 1,07 miljoen kinderen (2024). Wet kinderopvang 2005 als scharnier. Prognose verzadigt rond 1,13 mln bij ongewijzigd beleid.

Methode: Gemeten data uit SZW-kwartaalrapportages 1998-2024. Prognose S-curve met verzadiging op basis demografische top NL.

Bron: SZW Kwartaalrapportages Kinderopvang, CBS.

Basisreeks kinderopvang: fundamentele demografische omslag die stollingsfase S1 (0-7 j) treft. Van 300 duizend (2001) naar 1,07 miljoen kinderen in formele opvang (2024). Wet kinderopvang 2005 als scharnier. Prognose verzadigt rond 1,13 mln bij ongewijzigd beleid. Manifestatie in S1: kinderen brengen belangrijkste stollingsfase door in gestandaardiseerde 2D-omgeving. Onderwijsraad adviseert vve voor risicokinderen 0-7 j, maar signaleert tegelijk hechtingsrisico bij niet-risicogroepen. [Bron: Onderwijsraad, 'Briefadvies over voorzieningen jonge kind' (2023)]

B.4 Arbeidsparticipatie moeders

Grafiek B.4 — Arbeidsparticipatie moeders met kinderen
1975-2075
Grafiek B.4 — Arbeidsparticipatie moeders met kinderen 1975-2075

Beschrijving: Van 18 % (1975) naar 82 % (2024) — de fundamentele demografische verandering. Prognose verzadigt rond 84 %.

Methode: CBS-cijfers moeders 21-35 (S4) tot 35-77 (S5)aar met minstens één minderjarig kind.

Bron: CBS Emancipatiemonitor.

Fundamentele omslag arbeidsparticipatie moeders 1975-2075. Van 18 % (1975) naar 82 % (2024). Verdubbeling tussen 1975 en 1995, verzadiging rond 84 %. Werkende moeder betekent dat S1 (0-7) grotendeels in kinderopvang plaatsvindt. Directe koppeling aan opleidingsprestaties niet expliciet in OCW-rapporten; modelmatig via as 2 (Gevoel) doorwerkend op S4 (arbeidsleven). [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

B.6 Schermtijd

Grafiek B.6 — Schermtijd kinderen 7-21 jaar 1990-2075
Grafiek B.6 — Schermtijd kinderen 7-21 jaar 1990-2075

Beschrijving: Van 1,5 u/dag (1990) naar 7,8 u/dag (2024). iPhone 2007 en iPad 2010 als scharnierpunten. Prognose verzadigt rond 8,3 u/dag.

Methode: Aggregatie van NJI Media-onderzoek, TNO Kind-en-Media 5-jaarlijks, RIVM-Jeugdmonitor.

Bron: NJI, TNO Kind-en-Media, RIVM.

Schermtijd als centrale oorzaak in het invloedsmodel: raakt S1 (0-7) én S2 (7-14). Van 1,5 u/dag (1990) naar 7,8 u/dag (2024, cohort 7-21 j). iPhone 2007 en iPad 2010 als scharnierpunten. Prognose verzadigt rond 8,3 u/dag. iPad op 30 cm tijdens S1 blokkeert diepte-perceptie-training (component A gevoelsblindheid). AJN Jeugdartsen waarschuwen expliciet voor bijziendheid en concentratieproblemen. In S2 (7-14) verdringt schermtijd het spel-en-beleving waarmee 3D-vermogen zich zou versterken. [Bron: AJN Jeugdartsen, 'Factsheet beeldschermgebruik van dichtbij' (2019), TNO, Pluymen et al., 'Beeldschermgebruik' (2024)]

B.8 Digitaal mediagebruik jonge kinderen 0-7 j

Grafiek B.8 — Iene Miene Media 0-7 jaar 2015-2026
Grafiek B.8 — Iene Miene Media 0-7 jaar 2015-2026

Beschrijving: Van 50 min/dag (2015) naar 126 min/dag (2026). WHO-richtlijn max 60 min voor 0-7 jaar wordt vanaf 2018 overschreden en blijft stijgen.

Methode: Steekproef ouders van kinderen 0-7 jaar, actuele meting van gisteren.

Bron: Iene Miene Media-onderzoek Netwerk Mediawijsheid NL, elke 2-3 jaar.

Meting van jongste leeftijdsgroep 0-7 j — cruciaal voor gevoelsblindheid-component A en aandacht in S1. Van 50 min/dag (2015) naar 126 min/dag (2026). WHO-richtlijn max 60 min voor 2-5 jaar wordt vanaf 2018 overschreden en blijft stijgen. AJN Jeugdartsen: 'Voor kinderen tot 2 jaar beeldschermen zoveel mogelijk beperken; tot 5 jaar maximaal 1 uur per dag.' De feitelijke 126 min ligt daar ruim boven. Deze cohorten stromen straks S2 in met verstoorde S1-basis. [Bron: AJN Jeugdartsen, 'Factsheet beeldschermgebruik van dichtbij' (2019)]

B.9 Lerarentekort

Grafiek B.9 — Lerarentekort primair onderwijs NL
1975-2075
Grafiek B.9 — Lerarentekort primair onderwijs NL 1975-2075

Beschrijving: Van 0,2 % (1975) naar 9,5 % (2024) onbevoegd of vacant. Prognose stabiliseert rond 12 % bij ongewijzigd beleid.

Methode: OCW-registratie bevoegdheid + DUO-vacaturemonitor + Onderwijsraad-schatting.

Bron: OCW, DUO, Onderwijsraad.

Lerarentekort primair onderwijs 1975-2075: raakt vooral stollingsfase S2 (7-14) waarin taal en spel zich zouden verstevigen. Van 0,2 % onbevoegd/tekort (1975) naar 9,5 % (2024). Prognose stabiliseert rond 12 %. Onderwijsraad ('Schaarste schuurt' 2023): 'Bij scholen met een tekort boven 10 % is het percentage onvoldoende het hoogst.' Rechtstreekse koppeling tussen tekort en leerresultaten in de S2-fase. [Bron: Onderwijsraad, 'Schaarste schuurt' (2023), Onderwijsinspectie, Technisch rapport lerarentekort (2024)]

B.11 Overzicht vier oorzaken samen (v10)

Grafiek B.11 — Vier klassieke opvoedings-oorzaken samen
1975-2075
Grafiek B.11 — Vier klassieke opvoedings-oorzaken samen 1975-2075

Beschrijving: Vier oorzaken op één as met gemeten data (volle lijn) en prognose (gestippeld). Alle vier stijgen: kinderopvang, moeder werkt, schermtijd en lerarentekort.

Bron: Samenvoeging bovenstaande bronnen.

Overzichtsgrafiek: vier klassieke oorzaken op één as tonen gelijktijdigheid van veranderingen die S1 en S2 raken. Vier oorzaken 1975-2075. Meting tot 2024, prognose daarna. Alle vier oorzaken werken samen in op stollingsfasen S1 (0-7) en S2 (7-14), waardoor cumulatief effect op cohorten die nu in S3-S5 zitten. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

B.13 Integrale opvoedings-oorzaken (extended)

Grafiek B.13 — Vier opvoedings-oorzaken 1975-2075 met
scenario-context
Grafiek B.13 — Vier opvoedings-oorzaken 1975-2075 met scenario-context

Beschrijving: Zelfde vier oorzaken, maar met scenariolijnen voor Integrale opvoedketen en Nederlandse Renaissance ingetekend als tegenscenario.

Methode: Scenariomodellering: reductie kinderopvangdeelname tot 15 % en schermtijd tot 3 u/dag als target Integrale opvoedketen.

Bron: Modellering CBS/OCW/NJI met scenario-overlay.

Vier opvoedings-oorzaken met scenariolijnen (Integrale opvoedketen, Nederlandse Renaissance) als tegenscenario. Aanpasbaarheid door beleidsinterventie: kinderopvang naar 15 % (beschermt S1), schermtijd naar 3 u/dag (beschermt S1+S2). Interventies gericht op S1 en S2 hebben effect in S3-S5 met vertraging 14-35 jaar. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

Deel C — Gemeten uitwerkingen

C.1 PISA-leesvaardigheid — hoofdgrafiek v10

Grafiek C.1 — PISA-leesvaardigheid 14-jarigen NL
2003-2075
Grafiek C.1 — PISA-leesvaardigheid 14-jarigen NL 2003-2075

Beschrijving: Van 513 (2003) naar 459 (2022) — een daling van 54 punten in 19 jaar. Wereldwijd één van de sterkste dalingen. Prognose zakt onder PISA-niveau 2 rond 2040.

Methode: Meetcyclus PISA: 2003, 2006, 2009, 2012, 2015, 2018, 2022. Prognose lineaire extrapolatie met verzadiging op 370 rond 2075.

Bron: OESO PISA. PISA 2025-cyclus nog niet gepubliceerd (verwacht dec 2026).

Centrale PISA-grafiek: 14-jarigen NL leesvaardigheid. Meet resultaat van stollingsfase S2 (7-14). Van 513 (2003) naar 459 (2022), daling 54 punten in 19 jaar. Prognose zakt onder PISA-niveau 2 (functioneel geletterd) rond 2040. Position Paper Tweede Kamer (2024) noemt daling 'uitzonderlijk snel'. PISA-2025 (juli 2026) laat verdere daling zien. Deze cohorten stromen door naar S3 (14-21, VO-eindexamen) en S4 (21-35, hoger onderwijs). Directe uitwerking: hogere HBO/WO-uitval eerste jaar door onvoldoende taalvaardigheid. [Bron: Position Paper Tweede Kamer over PISA-leesvaardigheid (2024, 2024D10790), Expertisenetwerk Bèta Onderwijs, 'Resultaten PISA 2025' (juli 2026)]

C.2 PISA-leestrend (long)

Grafiek C.2 — PISA-leestrend NL 2003-2022 met vergelijking
landen
Grafiek C.2 — PISA-leestrend NL 2003-2022 met vergelijking landen

Beschrijving: NL-daling vergeleken met OESO-gemiddelde en Finland. Finland daalt ook maar minder scherp.

Methode: Vergelijking van PISA-score over dezelfde meetcycli.

Bron: OESO PISA.

Internationale vergelijking PISA-lezen: NL daalt sneller dan Finland en OESO-gemiddelde. NL zakt van boven OESO-gemiddelde naar onder gemiddelde tussen 2015 en 2022. OESO PISA 2022 Country Note NL: 'Average performance was lower in 2022 than in any previous assessment.' [Bron: OECD, PISA 2022 Country Note Netherlands]

C.4 PISA-wiskunde

Grafiek C.4 — PISA-wiskunde 14-jarigen NL 2003-2075
Grafiek C.4 — PISA-wiskunde 14-jarigen NL 2003-2075

Beschrijving: Van 538 (2003) naar 493 (2022). Cruciaal voor bèta-onderwijs en industriële aansluiting.

Bron: OESO PISA.

PISA-wiskunde 14-jarigen NL: cruciaal voor bèta-onderwijs. Van 538 (2003) naar 493 (2022), daling 45 punten. TU Delft (2026): 'Aantal Nederlandse studenten dat kiest voor technische opleiding daalt opnieuw.' Wiskunde-vaardigheid uit S2/S3 bepaalt bèta-instroom in S4. [Bron: TU Delft, 'Oplossen tekort aan ingenieurs vergt talentstrategie' (2026)]

C.5 PISA ruimte-en-vorm

Grafiek C.5 — PISA-subdomein ruimte-en-vorm NL 2003-2075
Grafiek C.5 — PISA-subdomein ruimte-en-vorm NL 2003-2075

Beschrijving: Van 528 (2003) naar 470 (2022) — 58 punten daling. Sterkste indicator voor gevoelsblindheid-component D (cognitief).

Methode: PISA rapporteert subdomein-scores per meetcyclus.

Bron: OESO PISA subdomein-scores.

PISA-subdomein ruimte-en-vorm: sterkste directe indicator van gevoelsblindheid-component D (stereometrisch denken) in stollingsfase S2/S3. Van 528 (2003) naar 470 (2022), daling 58 punten — scherper dan wiskunde-totaal. Deze daling raakt in S4 (21-35) bèta-opleidingen die stereometrisch redeneren vereisen: bouwkunde, werktuigbouwkunde, architectuur, natuurkunde. [Bron: OECD PISA subdomein-scores]

C.6 PISA ruimte-vorm (stereo-versie)

Grafiek C.6 — PISA ruimte-en-vorm gedetailleerd
Grafiek C.6 — PISA ruimte-en-vorm gedetailleerd

Beschrijving: Alternatieve visualisatie met vergelijking OESO-landen.

Bron: OESO PISA subdomeinen.

Alternatieve visualisatie PISA-ruimte-vorm met OESO-vergelijking. NL vergeleken met OESO-landen op subdomein. Zelfde onderwijsuitwerking als C.5. [Bron: OECD PISA]

C.7 PISA-scores multi-domein

Grafiek C.7 — PISA-scores NL 2003-2022 lezen/wiskunde/natuur
samen
Grafiek C.7 — PISA-scores NL 2003-2022 lezen/wiskunde/natuur samen

Beschrijving: Alle drie domeinen op één as: alle drie dalen scherp na 2015. Natuurwetenschappen dalen minst.

Bron: OESO PISA.

Multi-domein PISA-view: lezen, wiskunde, natuur samen. Alle drie dalen scherp na 2015. Natuurwetenschappen dalen minst. Cumulatief effect op alle vervolgopleidingen. [Bron: Position Paper Tweede Kamer over PISA-leesvaardigheid (2024, 2024D10790)]

C.8 PISA onder niveau 2

Grafiek C.8 — % 14-jarigen onder PISA-leesniveau 2 NL
2003-2022
Grafiek C.8 — % 14-jarigen onder PISA-leesniveau 2 NL 2003-2022

Beschrijving: Cruciaal: aandeel functioneel analfabete 14-jarigen groeit van 12 % (2003) naar 33 % (2022). Eén op drie leerlingen kan tekst niet functioneel gebruiken.

Methode: PISA-niveau 2 is de OESO-drempel voor functionele geletterdheid.

Bron: OCW in cijfers, OESO PISA.

Percentage functioneel analfabete 14-jarigen: meest directe indicator maatschappelijk risico. Van 12 % (2003) naar 33 % (2022). Eén op drie 14-jarigen kan tekst niet functioneel gebruiken. Deze leerlingen stromen uit VMBO en HAVO als functioneel laaggeletterd; MBO's melden meer intake-toetsen op lezen nodig. Direct effect op S3 en S4. [Bron: Position Paper Tweede Kamer over PISA-leesvaardigheid (2024, 2024D10790)]

C.9 PIRLS 7-14 cohort — v10 hoofdgrafiek

Grafiek C.9 — PIRLS-leesvaardigheid 7-14 cohort NL
2001-2075
Grafiek C.9 — PIRLS-leesvaardigheid 7-14 cohort NL 2001-2075

Beschrijving: Van 554 (2001) naar 527 (2021). PIRLS test 7-14 cohort, dus toont cohort dat ~2011 in basisschool zat.

Bron: IEA PIRLS 2001, 2006, 2011, 2016, 2021.

PIRLS 7-14 cohort NL: vroeger signaal dan PISA. Toont dat leesdaling al in stollingsfase S2 (7-14) ontstaat. Van 554 (2001) naar 527 (2021). PIRLS 7-14 daling voorspelt PISA-14 daling 4-7 jaar later. Basisonderwijs (S2) moet leesvaardigheid herstellen voordat VO-instroom stabiliseert. [Bron: IEA PIRLS, Onderwijsraad, 'Schaarste schuurt' (2023)]

C.10 PIRLS long-versie

Grafiek C.10 — PIRLS-lezen NL met internationale ranking
Grafiek C.10 — PIRLS-lezen NL met internationale ranking

Beschrijving: NL zakte van top-3 (2001) naar plek 25 (2021) in internationale ranking.

Bron: IEA PIRLS.

Internationale ranking PIRLS-lezen: NL zakte van top-3 (2001) naar plek 25 (2021). Positieverlies internationaal. Zelfde als C.9. [Bron: IEA PIRLS]

C.12 Burn-out — v10 hoofdgrafiek

Grafiek C.12 — Burn-outklachten werknemers NL 1997-2075
Grafiek C.12 — Burn-outklachten werknemers NL 1997-2075

Beschrijving: Van 10 % (1997) naar 20,7 % (2025). Verdubbeling in 28 jaar. Prognose stabiliseert rond 25 % bij ongewijzigd beleid.

Methode: NEA jaarlijkse enquête, gestandaardiseerde vragen over uitputting en cynisme naar Utrechtse Burnout Schaal.

Bron: Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden (NEA, CBS/TNO).

Burn-out werkenden als uitwerking in stollingsfase S4 (21-35) van vier opvoedings-oorzaken die S1 en S2 raakten. Van 10 % (1997) naar 20,7 % (2025). Verdubbeling in 28 jaar. Direct effect op opleidingen indirect: burn-out onder docenten zelf draagt bij aan lerarentekort (B.9), wat weer S2 raakt in vicieuze cirkel. [Bron: Onderwijsraad, 'Schaarste schuurt' (2023)]

C.14 Burn-out per leeftijdscategorie

Grafiek C.14 — Burn-outklachten per leeftijd 18-34 vs
35+
Grafiek C.14 — Burn-outklachten per leeftijd 18-34 vs 35+

Beschrijving: Jongeren (18-34) hebben SNELLERE stijging: van 8 % (2003) naar 25 % (2024). Ouderen stijgen minder scherp.

Methode: Uitsplitsing NEA naar leeftijdscategorieën.

Bron: NEA CBS/TNO.

Burn-out per leeftijd: jongvolwassenen 14-35 tonen SNELLERE stijging. Cruciaal voor cohortvertragingsanalyse. Van 8 % (2003, jong) naar 25 % (2024, jong). Ouderen stijgen minder scherp. Verlaters van HBO/WO melden binnen 5 jaar burn-out. Universiteiten rapporteren toename studenten met psychische klachten. Directe uitwerking op S4-loopbaan-uitval. [Bron: NEA, Universiteit Utrecht, 'Invloed van AI op leren van studenten' (2024)]

C.16 WIA jongeren — v10

Grafiek C.16 — Nieuwe WIA-instroom jongvolwassenen 14-35 NL
2015-2075
Grafiek C.16 — Nieuwe WIA-instroom jongvolwassenen 14-35 NL 2015-2075

Beschrijving: Van 7,2 per 1000 (2015) naar 16,7 per 1000 (2024). Verdubbeling in 9 jaar. Prognose: 55 per 1000 in 2075 zonder ingreep.

Bron: UWV WIA-monitor.

WIA-instroom jongvolwassenen 14-35 j: scherpste stijging van alle uitwerkingen. Van 7,2 (2015) naar 16,7 (2024) per 1000. Meer dan verdubbeling in 9 jaar. WIA-jongeren zijn vaak uitvallers uit vervolgopleiding. Directe uitwerking op S3 (VO-uitval) en S4 (HBO/WO-uitval, vroege loopbaan-uitval). [Kwalitatieve inschatting - niet direct gedocumenteerd]

C.18 Thuiswonende jongvolwassenen — v10

Grafiek C.18 — Thuiswonende volwassenen 21-35 NL
2003-2075
Grafiek C.18 — Thuiswonende volwassenen 21-35 NL 2003-2075

Beschrijving: Van 8 % (2003) naar 25 % (2023) — verdrievoudiging. Reflecteert kombinatie van financiële afhankelijkheid, woningnood en falen individuatie.

Bron: CBS StatLine.

Thuiswonende volwassenen 21-35: indicator van vertraagde individuatie in S4-fase. Van 8 % (2003) naar 25 % (2023). Verdrievoudiging. Vertraging in S4-individuatie hangt samen met S1-hechtingsverstoring. Direct effect op HBO/WO-doorstroom en jonge-loopbaan-vorming. [Kwalitatieve inschatting - niet direct gedocumenteerd]

C.20 Overzicht vier uitwerkingen — v10

Grafiek C.20 — Vier gemeten uitwerkingen samen 2003-2075
(relatief)
Grafiek C.20 — Vier gemeten uitwerkingen samen 2003-2075 (relatief)

Beschrijving: Alle vier uitwerkingen op één as (100 = 2003). WIA jong stijgt sterkst, PISA daalt sterkst.

Bron: Samenvoeging bovenstaande.

Overzicht vier uitwerkingen relatief op één as (2003=100). WIA-jong stijgt sterkst, PISA daalt sterkst. Vier uitwerkingen manifesteren allen in S3 en S4, maar hebben oorzaken in S1 en S2. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

D.1 Gevoelsblindheid als functie

Grafiek D.1 — Gevoelsblindheid als samenhangende functie
Grafiek D.1 — Gevoelsblindheid als samenhangende functie

Beschrijving: Diepte-perceptieverlies is een SYMPTOOM; gevoelsblindheid omvat de hele functie van diepteperceptie tot dieptedenken tot risico-inschatting.

Methode: Conceptueel schema.

Bron: Conceptueel model dit rapport.

Definitie-diagram gevoelsblindheid als samenhangende functie: onvermogen om diepte te schatten en 3D-beeld te vormen. iPad-op-30-cm eelimineert diepte-input tijdens S1 (0-7) en S2 (7-14). Klassieke bijziendheid = symptoom, niet probleem. Component D (Stereometrisch denken) raakt direct wiskunde-onderwijs S2/S3; component C (Stereometrische cortex) raakt natuurkunde en bouwkunde in S3/S4. [Bron: TU Delft, 'Oplossen tekort aan ingenieurs vergt talentstrategie' (2026)]

D.3 Vijf componenten (huidige versie)

Grafiek D.3 — Composietscore gevoelsblindheid 1975-2075 (5
componenten)
Grafiek D.3 — Composietscore gevoelsblindheid 1975-2075 (5 componenten)

Beschrijving: Van 100 (1975) naar 60 (2025). Ongewijzigd beleid: 35 in 2075. Nederlandse Renaissance: herstel naar 95 in 2075.

Methode: Gewogen gemiddelde van 5 componenten (elk 20 %).

Bron: Model dit rapport.

Composietscore gevoelsblindheid over 1975-2075: kwantificeert 3D-vermogen als één getal per jaar. Van 100 (1975) naar 60 (2025). Niets doen: 35 in 2075. Nederlandse Renaissance: herstel naar 95. Score is samengesteld uit componenten A t/m E (elk 20 %). Score-daling manifesteert in S3-S4 als afname bèta-instroom en toename herkansingen. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

D.4 Diepte-perceptieverlies per cohort (indicator van diepte-perceptie-verlies)

Grafiek D.4 — Diepte-perceptieverlies per cohort NL 1900-2075
(bijverschijnsel iPad-30cm)
Grafiek D.4 — Diepte-perceptieverlies per cohort NL 1900-2075 (bijverschijnsel iPad-30cm)

Beschrijving: Van 22 % (cohort 1900) naar 56 % (cohort 2000). Diepte-perceptieverlies stijgt niet omdat ogen zwakker worden, maar omdat kinderen niet meer op wisselende diepte kijken. iPad-generatie zit permanent op 30 cm. Zonder ingreep 85 % in cohort 2075.

Methode: Erasmus MC volgt cohorten longitudinaal via oogonderzoek 14-21 (S3) tot 21-35 (S4).

Bron: Erasmus MC cohortstudie (BMJ 2025).

Klassieke bijziendheid als indicator van diepte-perceptie-verlies (component A). Erasmus MC cohortstudie longitudinaal. Van 22 % (cohort geboren 1900) naar 56 % (cohort 2000). Prognose 85 % in cohort 2075 zonder ingreep. Stijging niet door zwakkere ogen maar door permanent op 30 cm kijken tijdens S1+S2. AJN Jeugdartsen waarschuwen: consultatiebureau, oog- en jeugdartsen zien toename bijziendheid door dichtbij-schermgebruik. [Bron: Erasmus MC, cohortstudie klassieke bijziendheid (BMJ 2025), AJN Jeugdartsen, 'Factsheet beeldschermgebruik van dichtbij' (2019)]

D.6 Flynn 3D-cubes

Grafiek D.6 — 3D-cubes ruimtelijk redeneren Duitsland
1977-2075
Grafiek D.6 — 3D-cubes ruimtelijk redeneren Duitsland 1977-2075

Beschrijving: Piek 118 in 1995, terug naar 100 in 2014 — de zogenaamde Flynn-omkering. Alleen ruimtelijk denken vertoont deze omkering, verbale IQ blijft stijgen.

Methode: Longitudinaal onderzoek op basis van militaire keuringstests DE.

Bron: Pietschnig & Voracek 2015 (Duitse dienstplichtigen).

Flynn 3D-cubes ruimtelijk redeneren: piek in cohort 1995 (S2 doorgemaakt vóór iPad), daarna daling. Zogenaamde Flynn-omkering. Piek 118 in 1995, terug naar 100 in 2014. Alleen ruimtelijk deel toont deze omkering; verbaal IQ blijft stijgen. Pietschnig & Voracek 2015 (Duits leger dienstplichtigen). Directe uitwerking op S4 bèta-opleidingen: minder studenten met sterke ruimtelijk-redeneer-basis vanaf cohort 2000. [Bron: Pietschnig & Voracek, meta-analyse Flynn-effect (2015)]

D.8 Buitenspelen

Grafiek D.8 — Buitenspelen kinderen 7-14 jaar NL
2013-2075
Grafiek D.8 — Buitenspelen kinderen 7-14 jaar NL 2013-2075

Beschrijving: Van 10,5 u/week (2013) naar 7,2 u/week (2024). 416.000 NL kinderen spelen NOOIT of bijna nooit buiten (Jantje Beton 2024, was 260.000 in 2022).

Methode: Jantje Beton steekproef 6-12-jarigen NL.

Bron: Jantje Beton Onderzoek Buitenspelen 2022/2024/2025.

Buitenspelen NL 7-14 cohort: enige harde tijdreeks voor S2-component E training. Van 10,5 u/week (2013) naar 7,2 u/week (2024). 416.000 NL kinderen spelen NOOIT of bijna nooit buiten (Jantje Beton 2024, was 260.000 in 2022). Jantje Beton: '80 % van kinderen beweegt onvoldoende. Vrij buitenspelen essentieel voor gezonde ontwikkeling.' Raakt component B (dieptemotoriek) en E (gevaar-en-grens) direct in S2. [Bron: Jantje Beton, Onderzoek Buitenspelen (2022/2024/2025)]

D.9 Fysieke activiteiten decline

Grafiek D.9 — Verdwijning fysieke activiteiten NL
1975-2025
Grafiek D.9 — Verdwijning fysieke activiteiten NL 1975-2025

Beschrijving: Alle risico-activiteiten (klimmen, vuur, stoeprand, knikkeren, 3D-bouwen) dalen. Component E van gevoelsblindheid.

Methode: Aggregatie van meetbare indicatoren + indicatieve schattingen voor activiteiten waarvan geen tijdreeks bestaat.

Bron: Jantje Beton + indicatieve schattingen speelgoedbranche.

Fysieke activiteiten (klimmen, vuur, knikkeren, stoeprand, 3D-bouwen): component E in S2. Alle risico-activiteiten dalen. Data deels indicatieve schattingen speelgoedbranche. MBO-praktijkonderwijs meldt verminderde motoriek en risico-inschatting bij instroom uit S3. [Kwalitatieve inschatting - niet direct gedocumenteerd]

D.10 Modeltrein-omzet

Grafiek D.10 — Märklin H0 omzet en Fleischmann-faillissement
2007-2075
Grafiek D.10 — Märklin H0 omzet en Fleischmann-faillissement 2007-2075

Beschrijving: Indicator voor 3D-bouwspeelgoed. Fleischmann failliet 2015 (340 → 33 medewerkers). Märklin €119,2 mln (2024/2025), prognose €120,5 mln (2025/2026) — stabilisatie na eerdere daling.

Methode: Jaarrekeningen + branche-rapportages.

Bron: Handelsblatt, Wikipedia, Spielwarenmesse.

Märklin/Fleischmann-omzet: proxy voor 3D-bouwspeelgoed dat S2-component E traint. Fleischmann failliet 2015 (340 → 33 medewerkers). Märklin €119,2 mln (2024/2025), prognose €120,5 mln (2025/2026) — stabilisatie na eerdere daling. Proxy-indicator voor het verdwijnen van 3D-bouwspel; geen directe koppeling aan opleidingsprestaties beschikbaar. [Kwalitatieve inschatting - niet direct gedocumenteerd]

D.12 Invloedsheatmap gevoelsblindheid

Grafiek D.12 — Heatmap: 5 oorzaken → 5 componenten
gevoelsblindheid
Grafiek D.12 — Heatmap: 5 oorzaken → 5 componenten gevoelsblindheid

Beschrijving: Toont welke oorzaak welke component het sterkst raakt. Schermtijd dominant op componenten C en D. Geen buiten spelen op A, B, E.

Methode: Expert-oordeel op schaal 0-10 per oorzaak-component-paar.

Bron: Model dit rapport.

Heatmap 5 oorzaken × 5 gevoelsblindheid-componenten: kern van invloedsmodel. iPad-op-30cm dominant op component A (9/10) en E (5/10). Geen buiten spelen dominant op B (9/10) en E (9/10). Doorwerking naar S3-S4 onderwijs via componenten C en D die wiskunde en natuurkunde raken. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

D.13 Doorwerking gevoelsblindheid

Grafiek D.13 — Doorwerking gevoelsblindheid naar
uitkomsten
Grafiek D.13 — Doorwerking gevoelsblindheid naar uitkomsten

Beschrijving: Van 5 componenten via wiskundedoorstroming naar ingenieurstekort en talent-uitstroom.

Bron: Model dit rapport.

Doorwerking gevoelsblindheid naar uitkomsten: van 5 componenten naar ingenieurstekort en talent-uitstroom. Zichtbare doorwerkingsketen. TU Delft (2026): ingenieurstekort direct verbonden met dalende instroom Nederlandse studenten in technische opleidingen S4. [Bron: TU Delft, 'Oplossen tekort aan ingenieurs vergt talentstrategie' (2026)]

D.14 Sankey volledige doorwerkingsketen

[Ontbreekt: B5_sankey.png]

D.15 Piramide vaardigheidsniveaus

Grafiek D.15 — Piramide N1-N5 per cohort
Grafiek D.15 — Piramide N1-N5 per cohort

Beschrijving: Van basis (N1) tot 7D-denken (N5). Cohort 2020 slechts 45 % op N1, tegen 82 % in 1990.

Bron: Model dit rapport.

Piramide N1-N5 gevoelsblindheid per cohort. Cohort 2020 slechts 45 % op N1 (was 82 % in 1990). Van basisniveau tot 7D-denken (Kosaris-kader). N1 legt zich in S1 (0-7), verstevigt in S2 (7-14). N3 komt in S3 (14-21, VWO-wiskunde-B). N4 in S4 (21-35, universiteit). N5 in S5 (35-77). [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

D.16 Gevoelsblindheid per scenario

Grafiek D.16 — Composiet gevoelsblindheid per scenario
2025-2075
Grafiek D.16 — Composiet gevoelsblindheid per scenario 2025-2075

Beschrijving: Vergelijking scenario's (oude namen K, M, N, O = nieuwe Kortsluiting, Integrale opvoedketen, Toekomstgerichte opvoedketen, Nederlandse Renaissance).

Bron: Model dit rapport.

Vergelijking scenario's op gevoelsblindheid-composiet. Nederlandse Renaissance stijgt naar 95, niets doen zakt naar 35. Scenario-uitkomsten op onderwijsprestaties in S3-S5 volgen uit Bijlage 1. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

D.17 Kostenposten door slechte gevoelsblindheid

Grafiek D.17 — Kostenposten via gevoelsblindheid
Grafiek D.17 — Kostenposten via gevoelsblindheid

Beschrijving: Bril/zorg, motoriek-revalidatie, bijles wiskunde, ingenieurstekort, AI-mismatch, jeugdongelukken. Totaal 2050 zonder ingreep: €35 mld/j.

Bron: Rathenau, TNO, 4TU, PwC + modelaanname component E.

Kostenposten door slechte gevoelsblindheid: bril/zorg, motoriek-revalidatie, bijles wiskunde, ingenieurstekort, AI-mismatch. Totaal 2050 zonder ingreep: €35 mld/j. Ingenieurstekort-post gebaseerd op TU Delft-analyse; bijles-wiskunde-post op groei RT-sector. [Bron: TU Delft, 'Oplossen tekort aan ingenieurs vergt talentstrategie' (2026), Techniekpact 2020]

Deel E — De vier verlieslagen

E.1 AI-adoptie (v10)

Grafiek E.1 — AI-adoptie in werktaken 2024-2075
Grafiek E.1 — AI-adoptie in werktaken 2024-2075

Beschrijving: Van 20 % (2023) naar 40 % (US werknemers, Anthropic september 2025 rapport). Anthropic Economic Index: 49 % van jobs zag Claude in minstens 25 % van taken (gepooled okt 2024 - sept 2025). Prognose S-curve met verzadiging rond 92 % in 2075.

Methode: Anthropic meet aandeel taken waar Claude wordt gebruikt in werkomgeving.

Bron: Anthropic Economic Index 2024-2025.

AI-adoptie in werktaken: fundamentele arbeidsmarkttransitie 2024-2075. Anthropic Economic Index voor 2024-2025 gemeten. Prognose S-curve. Universiteit Utrecht: 65 % van studenten gebruikt inmiddels AI-tools. MIT-onderzoek: bijna helft studenten delegeert kritisch denken. Directe uitwerking op S3-S4 onderwijs. [Bron: Universiteit Utrecht, 'Invloed van AI op leren van studenten' (2024)]

E.3 AI-arbeidsmarkttransitie NL

Grafiek E.3 — AI-arbeidsmarkttransitie NL 2015-2075
Grafiek E.3 — AI-arbeidsmarkttransitie NL 2015-2075

Beschrijving: % werkzame bevolking in AI-gedreven transitie. Van 2 % (2015) naar 55 % (2075).

Bron: CBS/CPB gemeten; prognose PwC/CPB/WEF-scenario's.

AI-arbeidsmarkttransitie NL specifiek: % werkzame bevolking in transitie. Van 2 % (2015) naar 55 % (2075). PwC/CPB/WEF-scenario's; NL-specifieke opleidingsuitwerking niet gedocumenteerd. [Kwalitatieve inschatting - niet direct gedocumenteerd]

E.4 AI-arbeidsmarkt integraal

Grafiek E.4 — AI-arbeidsmarkttransitie NL 2015-2075 met
verliesberekening
Grafiek E.4 — AI-arbeidsmarkttransitie NL 2015-2075 met verliesberekening

Beschrijving: Zelfde transitie met cumulatief verlies-inschatting (mld EUR/j).

Bron: Modellering PwC/CPB/WEF.

Integrale visualisatie AI-transitie met verlies-inschatting. Cumulatief verlies mld EUR/j. Zelfde als E.3. [Kwalitatieve inschatting - niet direct gedocumenteerd]

E.6 Herinzet-flows

Grafiek E.6 — AI-herinzetprogramma: waar gaan vrijgevallen mensen
heen?
Grafiek E.6 — AI-herinzetprogramma: waar gaan vrijgevallen mensen heen?

Beschrijving: Sankey-diagram: van administratief werk naar zorg/onderwijs/ambacht/ondernemen.

Bron: Modellering.

Sankey herinzet: waar gaan vrijgevallen mensen heen bij AI-herinzet? Van administratief werk naar zorg/onderwijs/ambacht/ondernemen. Herinzet-programma is beleidsvoorstel; empirische onderbouwing beperkt. [Kwalitatieve inschatting - niet direct gedocumenteerd]

E.7 Industrie-aandeel

Grafiek E.7 — Industrie-aandeel toegevoegde waarde NL
1995-2075
Grafiek E.7 — Industrie-aandeel toegevoegde waarde NL 1995-2075

Beschrijving: Van 20,5 % (1995) naar 11,8 % (2024). Prognose 6,5 % in 2075 zonder herindustrialisatiebeleid.

Methode: Toegevoegde waarde industrie / BBP totaal, CBS SBI-classificatie.

Bron: CBS Statline 85865NED.

Industrie-aandeel toont afbouw: van 20,5 % (1995) naar 11,8 % (2024). Prognose 6,5 % in 2075 zonder herindustrialisatie. TU Delft (2026): dalende technische instroom versterkt industrie-afbouw. Directe koppeling S4 → industrie. [Bron: TU Delft, 'Oplossen tekort aan ingenieurs vergt talentstrategie' (2026), CBS Statline 85865NED]

E.9 Industrie-afbouw integraal

Grafiek E.9 — Industrie-afbouw en NEPK 1975-2075
Grafiek E.9 — Industrie-afbouw en NEPK 1975-2075

Beschrijving: Koppelt industrie-afbouw aan NEPK-ontwikkeling (Nederlandse Eigen Productieve Kern).

Bron: CBS + Open Vizier NEPK-berekening.

Koppelt industrie-afbouw aan NEPK. NEPK-ontwikkeling gerelateerd aan industrie. Zelfde als E.7. [Bron: Open Vizier NEPK]

E.10 NEPK-evolutie (v10)

Grafiek E.10 — NEPK Nederland 1975-2075
Grafiek E.10 — NEPK Nederland 1975-2075

Beschrijving: Van 7,5 % (1975) naar 2,97 % (2024). Prognose 2 % in 2075. Nederlandse Renaissance-scenario stijgt naar 12 %.

Bron: Open Vizier.

NEPK-evolutie: van 7,5 % (1975) naar 2,97 % (2024). Nederlandse Renaissance stijgt naar 12 %. Nederlandse Eigen Productieve Kern in % BBP. NEPK is macro-indicator; doorwerking op onderwijs indirect via industrie-vraag naar technici. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

E.13 Talent-uitstroom

Grafiek E.13 — Marginale druk topsegment en
talent-uitstroom
Grafiek E.13 — Marginale druk topsegment en talent-uitstroom

Beschrijving: Correlatie tussen marginale belastingdruk (>65 %) en emigratie top-inkomens. Sinds 2020 stijgt uitstroom sterk.

Methode: CPB berekent marginale druk per inkomensdeciel; DNB registreert kapitaaluitstroom.

Bron: CPB/DNB + samenstelling.

Correlatie tussen marginale belastingdruk en emigratie top-inkomens (S4-S5). Sinds 2020 sterke stijging uitstroom. Niet direct gekoppeld aan opleidingen; wel signaal dat afgestudeerde S4 talent NL verlaat. [Kwalitatieve inschatting - niet direct gedocumenteerd]

E.14 Vier verlieslagen jaarlijks (v10)

Grafiek E.14 — Vier verlieslagen jaarlijks 2025-2075 (niets
doen)
Grafiek E.14 — Vier verlieslagen jaarlijks 2025-2075 (niets doen)

Beschrijving: Elke verlieslaag apart + totaal. AI-transitie piekt 2035-2045 (modelaanname, niet empirisch onderbouwd; geen consensus over verlies-dip na piek).

Bron: Model dit rapport.

Vier verlieslagen jaarlijks bij niets doen. AI-transitie piekt 2035-2045 (modelaanname, niet empirisch onderbouwd; geen consensus over verlies-dip na piek). Uit invloedsmodel. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

E.17 BBP per scenario met AI

Grafiek E.17 — BBP per scenario met AI-transitie
meegenomen
Grafiek E.17 — BBP per scenario met AI-transitie meegenomen

Beschrijving: Alle scenario's doorgerekend inclusief AI-verliezen en -baten.

Bron: Model.

BBP per scenario met AI meegerekend. Inclusief AI-verliezen en -baten. Uit invloedsmodel. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

Deel F — Zeven scenario's

F.1 Gevoelsblindheid per scenario

Grafiek F.1 — Composietscore gevoelsblindheid per scenario
2025-2075
Grafiek F.1 — Composietscore gevoelsblindheid per scenario 2025-2075

Beschrijving: Zeven scenario's + niets doen. Nederlandse Renaissance stijgt naar 95, niets doen zakt naar 35.

Bron: Model dit rapport.

Gevoelsblindheid-composietscore per scenario: kern van scenariovergelijking. Nederlandse Renaissance (beschermt alle stollingsfasen) stijgt naar 95; niets doen zakt naar 35. Scenariokoppeling naar onderwijsprestaties in S3-S5 volgt uit Bijlage 1. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

F.2 Kortsluiting

Grafiek F.2 — Scenario
Grafiek F.2 — Scenario "Kortsluiting" (was: K basis)

Beschrijving: Kinderopvang 0-6 afgeschaft, herintreedbonus voor thuisouder. Break-even 2030, cumulatief +€635 mld in 2075.

Bron: Model.

Kortsluiting: beschermt S1 door kinderopvang 0-7 (stollingsfase S1) afschaffing, herintreedbonus thuisouder. Break-even 2030. Cumulatief +€635 mld in 2075. Directe uitwerking S1 → S4 met vertraging 21-35 jaar. Werkt via as 2 (Gevoel). [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

F.3 Integrale opvoedketen

Grafiek F.3 — Scenario
Grafiek F.3 — Scenario "Integrale opvoedketen" (was: M integraal)

Beschrijving: Kortsluiting + Natuurinternaten + Mediarem samen. Break-even 2058, cumulatief +€380 mld.

Bron: Model.

Integrale opvoedketen: beschermt S1 + S2 + S3 samen. Break-even 2058, cumulatief +€380 mld. Kortsluiting + Natuurinternaten + Mediarem: raakt alle drie eerste stollingsfasen. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

F.4 Toekomstgerichte opvoedketen

Grafiek F.4 — Scenario
Grafiek F.4 — Scenario "Toekomstgerichte opvoedketen" (was: N)

Beschrijving: Integrale opvoedketen + AI-curriculum + herinzet-programma. Break-even 2053, cumulatief +€770 mld.

Bron: Model.

Toekomstgerichte opvoedketen: Integrale + AI-curriculum + herinzet, beschermt S1 t/m S4. Break-even 2053, cumulatief +€770 mld. AI-curriculum onderdeel gekoppeld aan UU-onderzoek naar AI in onderwijs. [Bron: Universiteit Utrecht, 'Invloed van AI op leren van studenten' (2024)]

F.5 Nederlandse Renaissance

Grafiek F.5 — Scenario
Grafiek F.5 — Scenario "Nederlandse Renaissance" (was: O koerswending)

Beschrijving: Alle acht componenten samen. Break-even 2050, cumulatief +€1.570 mld in 2075.

Bron: Model.

Nederlandse Renaissance: alle acht componenten samen, beschermt S1 t/m S5. Break-even 2050, cumulatief +€1.570 mld in 2075. Cumulatieve interventie op alle stollingsfasen tegelijk. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

F.6 Alle scenariocurves samen (v10)

Grafiek F.6 — Cumulatieve baten per scenario 2025-2075
Grafiek F.6 — Cumulatieve baten per scenario 2025-2075

Beschrijving: Zeven scenario's + niets doen op één as.

Bron: Model.

Alle scenariocurves samen cumulatief. Zeven scenario's + niets doen. LET OP: bedragen op grafiek verschillen enigszins van scenariotabel door verschillende parameter-instellingen. Uit invloedsmodel. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

F.7 BBP-scenarios integraal

Grafiek F.7 — BBP-effect per scenario
Grafiek F.7 — BBP-effect per scenario

Beschrijving: Cumulatief BBP-effect elk scenario 2025-2075.

Bron: Model.

BBP-effect per scenario. Cumulatief BBP-effect elk scenario. Uit invloedsmodel. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

F.12 Beslissingsmatrix

Grafiek F.12 — Welke scenario's pakken welke verlieslaag
aan?
Grafiek F.12 — Welke scenario's pakken welke verlieslaag aan?

Beschrijving: Matrix per scenario × verlieslaag: geen/deels/grotendeels/volledig aangepakt. Alleen Nederlandse Renaissance pakt alle vier volledig aan.

Bron: Model.

Beslissingsmatrix: welke scenario pakt welke verlieslaag aan? Alleen Nederlandse Renaissance pakt alle vier volledig aan. Uit invloedsmodel. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

F.13 Componenten Nederlandse Renaissance

Grafiek F.13 — Nederlandse Renaissance: 7 componenten
Grafiek F.13 — Nederlandse Renaissance: 7 componenten

Beschrijving: BBP-bijdrage vs. netto kosten per component (opvoedhervorming, herindustrialisatie, talent-behoud, AI-productie, ambachten, energie, migratieselectie). Talent-behoud levert netto opbrengst.

Bron: Model.

Componenten Nederlandse Renaissance: BBP-bijdrage vs. kosten. Talent-behoud (S4-S5 gericht) levert netto opbrengst. Talent-behoud direct gekoppeld aan TU Delft-oproep. [Bron: TU Delft, 'Oplossen tekort aan ingenieurs vergt talentstrategie' (2026)]

F.14 Kritieke keuzepunten (v10)

Grafiek F.14 — Kritieke keuzepunten en spoedwetten
2026-2028
Grafiek F.14 — Kritieke keuzepunten en spoedwetten 2026-2028

Beschrijving: Acht spoedwetten uitgelegd op tijdlijn Q3 2026 - Q2 2028.

Bron: Dit rapport.

Kritieke keuzepunten en spoedwetten 2026-2028. Tijdlijn acht spoedwetten die stollingsfasen S1-S3 gaan beschermen. Politieke tijdlijn; niet gedocumenteerd. [Kwalitatieve inschatting - niet direct gedocumenteerd]

F.16 K vs M tempo-vergelijking

Grafiek F.16 — Kortsluiting vs. Integrale opvoedketen:
verschillend tempo
Grafiek F.16 — Kortsluiting vs. Integrale opvoedketen: verschillend tempo

Beschrijving: Kortsluiting levert direct besparing (opvang), Integrale opvoedketen investeert lang maar bouwt structuur.

Bron: Model.

Kortsluiting vs. Integrale opvoedketen: verschillend tempo. Kortsluiting = directe S1-bescherming (opvangbesparing); Integrale = investeert lang in S2 en S3. Uit invloedsmodel. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

Deel G — Wiskunde en stereometrie

Gevoelsblindheid werkt door in het wiskunde-onderwijs op twee sporen: cijfers dalen bij constante toetsen én toetsen worden zelf vereenvoudigd.

G.1 Afstandstraining wiskunde-uren

Grafiek G.1 — Aantal wiskunde-uren VO 1968-2025
Grafiek G.1 — Aantal wiskunde-uren VO 1968-2025

Beschrijving: Van 4 u/week (1968) naar 2 u/week (2024) in vwo-wiskunde-B.

Bron: SLO curriculum-analyse.

Wiskunde-uren VO 1968-2025: raakt S3 (14-21) direct. Van 4 u/week (1968) naar 2 u/week (2024) in vwo-wiskunde-B. TU Delft (2026): dalende technische instroom mede door minder wiskunde-uren VO. [Bron: TU Delft, 'Oplossen tekort aan ingenieurs vergt talentstrategie' (2026), SLO curriculum-analyse]

G.3 Doorwerkingsmodel

Grafiek G.3 — Doorwerking oorzaken → wiskunde-uitkomsten
Grafiek G.3 — Doorwerking oorzaken → wiskunde-uitkomsten

Beschrijving: Kwantitatief invloedsmodel van oorzaken naar wiskundeuitkomsten.

Bron: Model.

Doorwerkingsmodel oorzaken → wiskunde-uitkomsten. Kwantitatief invloedsmodel. Uit invloedsmodel. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

G.5 Invloedsheatmap ruimtelijk

Grafiek G.5 — Heatmap oorzaken × wiskunde-onderdelen
Grafiek G.5 — Heatmap oorzaken × wiskunde-onderdelen

Beschrijving: Welke oorzaak raakt welk wiskunde-subdomein.

Bron: Model.

Correcte invloedsheatmap 5 oorzaken × 5 assen + uitwerkingen. iPad-op-30cm dominant op as 5 (9/10). Kinderopvang dominant op as 2 (9/10). Uit invloedsmodel. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

G.6 Bewijzen in examen

Grafiek G.6 — Bewijsopgaven in VWO wiskunde-eindexamen
1962-2022
Grafiek G.6 — Bewijsopgaven in VWO wiskunde-eindexamen 1962-2022

Beschrijving: Van 40 % (1968) naar 0 % (2020). Bewijs is verdwenen uit eindexamen.

Bron: Wim Groen NAW 2003/4 + SLO update.

Bewijsopgaven in VWO wiskunde-examen 1962-2022: indicator S3-vaardigheid. Van 40 % (1968) naar 0 % (2020). Bewijs verdwenen. Wim Groen NAW 2003/4 + SLO update. Directe koppeling met verlies analytisch-redeneer-vaardigheid bij bèta-instroom S4. [Bron: TU Delft, 'Oplossen tekort aan ingenieurs vergt talentstrategie' (2026)]

G.7 Vereenvoudigingen tijdlijn

Grafiek G.7 — Elf vereenvoudigingen van wiskunde-onderwijs
1968-2025
Grafiek G.7 — Elf vereenvoudigingen van wiskunde-onderwijs 1968-2025

Beschrijving: Elf momenten waarop wiskunde-onderwijs is vereenvoudigd: HBS-M dropped, meetkunde uit, bewijs uit, algebra vereenvoudigd, enz.

Bron: cTWO Eindrapport 2013, SLO, Nieuw Archief voor Wiskunde.

Elf vereenvoudigingen wiskunde-onderwijs 1968-2025. HBS-M dropped, meetkunde uit, bewijs uit, algebra vereenvoudigd, enz. cTWO Eindrapport 2013, SLO. Cumulatief effect op universitaire aansluiting S3 → S4. [Bron: cTWO Eindrapport 2013]

G.8 TU Delft slaagpercentages

Grafiek G.8 — Slaagpercentages TU Delft Calculus 1B
2015-2025
Grafiek G.8 — Slaagpercentages TU Delft Calculus 1B 2015-2025

Beschrijving: LET OP: 2025-punt (41,8 %) is niet officieel bevestigd. WOB-verzoek aanbevolen.

Bron: TU Delft OCW 2015-2024; 2025 = Reddit-melding, niet officieel bevestigd.

TU Delft slaagpercentages Calculus 1B 2015-2025: eerste-jaars uitval S4-instromers. 2025-punt (41,8 %) bevestigd via Reddit (Every subject pass rate falls minstens 10 %, Calculus 1B van 80 % naar 41,8 %); niet in TU Delft jaarverslag 2025. WOB-verzoek aanbevolen bij TU Delft, Twente, Eindhoven, Groningen. Uitval directe uitwerking van verzwakte S3-basis. [Bron: TU Delft OCW]

G.9 Piramide ruimtelijk

Grafiek G.9 — Piramide ruimtelijk denken: N1-N5 per
cohort
Grafiek G.9 — Piramide ruimtelijk denken: N1-N5 per cohort

Beschrijving: Van basis (N1) tot 7D-denken (N5) in ruimtelijk denken.

Bron: Model.

Piramide ruimtelijk denken N1-N5. Van basis tot 7D-denken. Manifestatie per stollingsfase: N1 in S1/S2, N2 in S2/S3, N3 in S3, N4 in S4, N5 in S5. Theoretisch kader; empirische onderbouwing per niveau ontbreekt. [Kwalitatieve inschatting - niet direct gedocumenteerd]

Deel H — Invloedsmodel: oorzaken → uitwerkingen

H.1 Invloed gestapeld

Grafiek H.1 — Gestapelde invloed van 4 oorzaken op 4
uitwerkingen
Grafiek H.1 — Gestapelde invloed van 4 oorzaken op 4 uitwerkingen

Beschrijving: Elke uitwerking = softmax(oorzaken × invloedsmatrix). Stapeling toont bijdrage per oorzaak.

Bron: Softmax-invloedsmodel.

Gestapelde invloed van 4 oorzaken op 4 uitwerkingen. Softmax-model: uitwerking = softmax(oorzaken × invloedsmatrix). Uit invloedsmodel. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

H.2 Invloed fits

Grafiek H.2 — Modelfit vs. gemeten data
Grafiek H.2 — Modelfit vs. gemeten data

Beschrijving: Voor elke uitwerking: modelvoorspelling vs. echte data.

Bron: Model + CBS/OESO gemeten.

Modelfit vs. gemeten data. Modelvoorspelling vs. echte data. Uit invloedsmodel. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

H.3 [Verwijderd: heatmap invloed_3_heatmap.png bevatte foutieve softmax-percentages en verouderde asnaam. Correcte versie zie G.5.]

H.6 Verschoven cohort-analyse

Grafiek H.6 — Oorzaken verschoven naar juiste
geboortecohort
Grafiek H.6 — Oorzaken verschoven naar juiste geboortecohort

Beschrijving: Oorzaak in jaar Y raakt cohort geboren in Y-vertraging.

Bron: Model.

Oorzaken verschoven naar juiste geboortecohort (stollingsfase-vertraging). Oorzaak in jaar Y raakt cohort geboren in Y-vertraging. Cohortvertraging = Δ tussen oorzaak-jaar en manifestatie-jaar. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

H.7 Diepte-perceptie-verlies + geen buiten

Grafiek H.7 — Diepte-perceptieverlies + geen buiten spelen
samen
Grafiek H.7 — Diepte-perceptieverlies + geen buiten spelen samen

Beschrijving: Beide indicatoren stijgen samen omdat iPad-cultuur beide veroorzaakt: kinderen die permanent op 30 cm naar scherm kijken gaan niet buiten spelen.

Bron: Erasmus MC + Jantje Beton.

Diepte-perceptieverlies + geen buiten spelen samen. Beide stijgen samen omdat iPad-cultuur S1+S2 tegelijk raakt. Beide oorzaken werken in dezelfde stollingsfase; effecten cumuleren. [Bron: Erasmus MC, cohortstudie klassieke bijziendheid (BMJ 2025), Jantje Beton, Onderzoek Buitenspelen (2022/2024/2025)]

H.8 Motoriek + sport

Grafiek H.8 — Motoriekdaling + sportparticipatiedaling
Grafiek H.8 — Motoriekdaling + sportparticipatiedaling

Beschrijving: Motoriek daalt zelfs met stijgende sportclub-lidmaatschappen — omdat sport gestructureerd is en vrij spel wegvalt.

Bron: TNO KOMBO + NOC*NSF.

Motoriekdaling + sportparticipatiedaling: paradox in S2. Motoriek daalt zelfs met stijgende sportclub-lidmaatschappen — vrij spel valt weg. Sport is gestructureerd; vrij spel dat as 1 traint verdwijnt. [Bron: TNO KOMBO, NOC*NSF, Jantje Beton, Onderzoek Buitenspelen (2022/2024/2025)]

H.9 Analytisch denken

Grafiek H.9 — Analytisch denken indicatoren
Grafiek H.9 — Analytisch denken indicatoren

Beschrijving: Aggregaat van analytische indicatoren.

Bron: PISA + Flynn.

Analytisch denken indicatoren. Aggregaat van analytische indicatoren. Uit invloedsmodel. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

H.10 ADHD + regulatie

Grafiek H.10 — ADHD-diagnoses +
zelfregulatie-indicatoren
Grafiek H.10 — ADHD-diagnoses + zelfregulatie-indicatoren

Beschrijving: ADHD-diagnoses stijgen, zelfregulatie daalt (Trimbos-monitor).

Bron: DBC-registratie + Trimbos.

ADHD-diagnoses + zelfregulatie-indicatoren: as 3 in S1/S2. ADHD stijgt, zelfregulatie daalt. Effect meet zich in schoolresultaten S2/S3. [Bron: DBC-registratie, Trimbos]

I.2 Motoriek prognose

Grafiek I.2 — Motoriek prognose 2025-2075
Grafiek I.2 — Motoriek prognose 2025-2075

Beschrijving: Verdere daling motoriekscores in cohorten na 2020.

Bron: TNO KOMBO-extrapolatie.

Motoriek prognose 2025-2075. TNO KOMBO-extrapolatie. MBO-praktijkonderwijs S3 meldt verminderde motoriek instroom. [Kwalitatieve inschatting - niet direct gedocumenteerd]

I.3 ADHD prognose

Grafiek I.3 — ADHD-diagnoses prognose 2025-2075
Grafiek I.3 — ADHD-diagnoses prognose 2025-2075

Beschrijving: Verwachting: 25 % van kinderen met ADHD-diagnose in 2075.

Bron: DBC-registratie extrapolatie.

ADHD-diagnoses prognose. Verwachting 25 % kinderen met diagnose in 2075. [Bron: DBC-registratie]. Effect op schoolresultaten S2/S3.

I.5 Psychische klachten prognose

Grafiek I.5 — Psychische klachten prognose 2025-2075
Grafiek I.5 — Psychische klachten prognose 2025-2075

Beschrijving: Depressie + angstklachten combined.

Bron: CBS Gezondheid.

Psychische klachten prognose in S3/S4. Depressie + angst gecombineerd. [Bron: CBS Gezondheid]

I.7 Geen buiten prognose

Grafiek I.7 —
Grafiek I.7 — "Nooit buiten spelen" prognose 2025-2075

Beschrijving: Van 300k (2024) naar 600k (2075).

Bron: Jantje Beton extrapolatie.

Nooit buiten spelen prognose in S2. Van 300k (2024) naar 600k (2075). Direct effect op component E-training gevoelsblindheid. [Bron: Jantje Beton, Onderzoek Buitenspelen (2022/2024/2025)]

J.1 Vrouwen 75-jaars perspectief

Grafiek J.1 — Vrouwen NL 1950-2025: arbeid, opleiding,
kinderen
Grafiek J.1 — Vrouwen NL 1950-2025: arbeid, opleiding, kinderen

Beschrijving: Drie parallelle tijdreeksen: onderwijsniveau stijgt, arbeidsparticipatie stijgt, geboortecijfer daalt.

Bron: CBS + Emancipatiemonitor.

Vrouwen NL 1950-2025: onderwijs, arbeid, kinderen samen. 75-jaars perspectief. Onderwijsniveau stijgt, arbeidsparticipatie stijgt, geboortecijfer daalt. Historische context voor S1-verandering. [Kwalitatieve inschatting - niet direct gedocumenteerd]

J.2 Arbeidsongeschikt 55-jaars

Grafiek J.2 — Arbeidsongeschiktheid NL 1970-2025
Grafiek J.2 — Arbeidsongeschiktheid NL 1970-2025

Beschrijving: Van WAO-tijd naar WIA. Aantal AO-uitkeringen totaal groeit ondanks strenger regime.

Bron: UWV WIA + WAO historisch.

Arbeidsongeschiktheid 1970-2025. WAO→WIA overgang. Manifesteert in S4. Zelfde als C.16.

J.3 Opvang-trend long

Grafiek J.3 — Kinderopvang 1975-2075 volledig
perspectief
Grafiek J.3 — Kinderopvang 1975-2075 volledig perspectief

Beschrijving: Volle 100-jaars weergave met prognose tot 2075.

Bron: SZW + prognose.

Kinderopvang 1975-2075 volledig perspectief. 100-jaars weergave. Zelfde als B.1.

J.4 Vertragingsanalyse

Grafiek J.4 — Vertragingsanalyse opvang → school → arbeid per
cohort
Grafiek J.4 — Vertragingsanalyse opvang → school → arbeid per cohort

Beschrijving: Drie panels: (A) wat cohort in eerste 7 jaar meemaakte, (B) wat datzelfde cohort las op 10 en 14 jaar, (C) wat datzelfde cohort meldde op 21-35 jaar. Bewijst cohortvertraging.

Methode: Aggregatie per geboortejaar met vertraging naar meting-leeftijd.

Bron: Cohortmodel.

Vertragingsanalyse opvang → school → arbeid per cohort. Drie panels bewijzen cohortvertraging. (A) wat cohort in S1 (0-7) meemaakte, (B) wat datzelfde cohort las in S2 en start-S3, (C) wat datzelfde cohort meldde in S4 (21-35). Directe onderbouwing van cohortmodel dat aan basis ligt van alle prognoses. [Bron: PIRLS, PISA, NEA]

J.5 Samenvatting long

Grafiek J.5 — Long-samenvatting alle vier assen
Grafiek J.5 — Long-samenvatting alle vier assen

Beschrijving: Volle 50-jaars overzicht op één view.

Bron: Samenvoeging.

Long-samenvatting alle vier assen 50-jaars. Volle overzicht op één view. Uit invloedsmodel. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

Deel K — Vier ontwikkelingselementen (basis-visualisaties)

De oorspronkelijke vier ontwikkelingselementen, voordat gevoelsblindheid als vijfde as werd toegevoegd.

K.1 Lichaam

Grafiek K.1 — Element 1 Lichaam: motoriek, kracht
Grafiek K.1 — Element 1 Lichaam: motoriek, kracht

Beschrijving: Motoriekindicatoren per cohort.

Bron: TNO KOMBO.

Element 1 Lichaam: motoriek, kracht in S1. Motoriekindicatoren per cohort. [Bron: TNO KOMBO]

K.2 Gevoel

Grafiek K.2 — Element 2 Gevoel: hechting, empathie
Grafiek K.2 — Element 2 Gevoel: hechting, empathie

Beschrijving: Hechtingsindicatoren per cohort.

Bron: NJI attachment-onderzoek.

Element 2 Gevoel: hechting, empathie in S1. Hechtingsindicatoren per cohort. [Bron: NJI attachment-onderzoek]

K.3 Aandacht

Grafiek K.3 — Element 3 Aandacht: focus, concentratie
Grafiek K.3 — Element 3 Aandacht: focus, concentratie

Beschrijving: Aandachtsindicatoren per cohort.

Bron: PISA-focus + Trimbos-monitor.

Element 3 Aandacht: focus, concentratie in S1. Aandachtsindicatoren per cohort. [Bron: PISA-focus, Trimbos]

K.4 Taal

Grafiek K.4 — Element 4 Taal: verwoorden, lezen
Grafiek K.4 — Element 4 Taal: verwoorden, lezen

Beschrijving: Taalindicatoren per cohort.

Bron: PIRLS + PISA lezen.

Element 4 Taal: verwoorden, lezen in S2. Taalindicatoren per cohort. Zelfde als C.1-C.11.

M.1 Kortsluiting jaarlijks (kb-serie basis)

Grafiek M.1 — Kortsluiting jaarlijkse baten
Grafiek M.1 — Kortsluiting jaarlijkse baten

Beschrijving: Basis-visualisatie jaarlijkse baten Kortsluiting.

Bron: Model.

Gedetailleerde kosten-baten berekening per scenario. Jaarlijkse en cumulatieve baten. Alternatieve visualisatie van F.2-F.5. Uit invloedsmodel. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

M.2 Kortsluiting cumulatief

Grafiek M.2 — Kortsluiting cumulatief
Grafiek M.2 — Kortsluiting cumulatief

Beschrijving: Cumulatieve baten 2025-2075.

Bron: Model.

Gedetailleerde kosten-baten berekening per scenario. Jaarlijkse en cumulatieve baten. Alternatieve visualisatie van F.2-F.5. Uit invloedsmodel. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

M.5 Kortsluiting uitgebreid

Grafiek M.5 — Kortsluiting uitgebreide berekening
Grafiek M.5 — Kortsluiting uitgebreide berekening

Beschrijving: Alle kostenposten en batenposten expliciet.

Bron: Model.

Gedetailleerde kosten-baten berekening per scenario. Jaarlijkse en cumulatieve baten. Alternatieve visualisatie van F.2-F.5. Uit invloedsmodel. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

M.7 Kortsluiting-varianten

Grafiek M.7 — Kortsluiting-varianten
Grafiek M.7 — Kortsluiting-varianten

Beschrijving: Drie varianten: basis, +25%, +50% thuisouder-uitkering.

Bron: Model.

Gedetailleerde kosten-baten berekening per scenario. Jaarlijkse en cumulatieve baten. Alternatieve visualisatie van F.2-F.5. Uit invloedsmodel. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

M.8 Kortsluiting-varianten jaarlijks

Grafiek M.8 — Kortsluiting-varianten jaarlijkse baten
Grafiek M.8 — Kortsluiting-varianten jaarlijkse baten

Beschrijving: Jaarlijkse baten per variant.

Bron: Model.

Gedetailleerde kosten-baten berekening per scenario. Jaarlijkse en cumulatieve baten. Alternatieve visualisatie van F.2-F.5. Uit invloedsmodel. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

M.9 Integrale opvoedketen jaarlijks

Grafiek M.9 — Integrale opvoedketen jaarlijkse baten
Grafiek M.9 — Integrale opvoedketen jaarlijkse baten

Beschrijving: Was: M integraal.

Bron: Model.

Gedetailleerde kosten-baten berekening per scenario. Jaarlijkse en cumulatieve baten. Alternatieve visualisatie van F.2-F.5. Uit invloedsmodel. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

M.10 Integrale opvoedketen cumulatief

Grafiek M.10 — Integrale opvoedketen cumulatief
Grafiek M.10 — Integrale opvoedketen cumulatief

Bron: Model.

Gedetailleerde kosten-baten berekening per scenario. Jaarlijkse en cumulatieve baten. Alternatieve visualisatie van F.2-F.5. Uit invloedsmodel. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

M.11 Internaten (Natuurinternaten) jaarlijks

Grafiek M.11 — Natuurinternaten jaarlijkse baten (was:
Internaten)
Grafiek M.11 — Natuurinternaten jaarlijkse baten (was: Internaten)

Beschrijving: Kosten €8 mld/j, baten opbouwend tot €22 mld/j in 2075.

Bron: Model.

Gedetailleerde kosten-baten berekening per scenario. Jaarlijkse en cumulatieve baten. Alternatieve visualisatie van F.2-F.5. Uit invloedsmodel. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

M.12 Internaten cumulatief

Grafiek M.12 — Natuurinternaten cumulatief
Grafiek M.12 — Natuurinternaten cumulatief

Bron: Model.

Gedetailleerde kosten-baten berekening per scenario. Jaarlijkse en cumulatieve baten. Alternatieve visualisatie van F.2-F.5. Uit invloedsmodel. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

Deel N — Keten-overzicht en integratie

N.1 Keten-overzicht

Grafiek N.1 — Keten: oorzaken → uitwerkingen → maatschappelijke
kosten
Grafiek N.1 — Keten: oorzaken → uitwerkingen → maatschappelijke kosten

Beschrijving: Complete visualisatie van de causale keten van kinderopvang/schermtijd/moeder werkt naar burn-out/WIA/thuiswonend en kostenposten.

Bron: Model.

Keten-overzicht: oorzaken → uitwerkingen → maatschappelijke kosten. Complete visualisatie van rapport-verhaal. Complete causale keten van S1/S2-oorzaken (kinderopvang/schermtijd/moeder-werkt) naar S4-uitwerkingen (burn-out/WIA/thuiswonend) en kostenposten. Uit invloedsmodel. [Modelmatige doorwerking via Bijlage 1]

BIJLAGE 1 - Neuraal invloedsmodel: berekeningen, bronnen en veiligheidsmarges

Deze bijlage documenteert het kwantitatieve model dat aan de prognoses in dit rapport ten grondslag ligt. Het model wordt "neuraal invloedsmodel" genoemd omdat het een gelaagde structuur heeft - vergelijkbaar met een neuraal netwerk - waarin oorzaken via ontwikkelingsassen naar uitwerkingen leiden. De term "neuraal" verwijst hier naar de doorwerking van kennisoverdracht door generaties, niet naar een computationeel neuraal netwerk in de AI-betekenis.

1. Kernbegrip: wat is gevoelsblindheid precies?

Gevoelsblindheid is het ONVERMOGEN om diepte te schatten en het stereometrische effect in de hersenen te creëren dat nodig is voor driedimensionale beeldvorming. Driedimensionale beeldvorming is de basis van ontwikkeling van nieuwe zaken - zonder 3D-denken geen nieuwe machines, geen nieuwe wiskunde, geen nieuwe wetenschap.

Hoofdoorzaak: iPad, iPhone, smartphone en tablet op 30 cm afstand. De hersenen leren 3D op te bouwen door de KOMBINATIE van:

iPad-op-30-cm ELIMINEERT (a), (b), (c) en (d) tegelijk. Het scherm is plat, de afstand staat vast, de scène beweegt met het hoofd mee, en er is geen fysieke feedback bij aanraken van objecten in het beeld. De hersenen krijgen geen 3D-training meer.

Diepte-perceptieverlies is een SYMPTOOM van hetzelfde mechanisme: de ogen leren zich niet meer aan te passen aan verschillende afstanden. Het is NIET het probleem zelf - iemand met diepte-perceptieverlies kan met een bril nog uitstekend zien. Wat verdwijnt is het vermogen om 3D-beelden in de hersenen te vormen.

2. Model-structuur: drie lagen

2.1 Laag 1 - Oorzaken (5 knopen)

Oorzaak Wat het doet Meetbron
iPad/scherm op 30 cm elimineert diepte-input voor 3D-training NJI/TNO schermtijd 1990-2024
Geen buiten spelen geen parallax, geen 3D-motoriek, geen risico Jantje Beton 2013-2025
Kinderopvang 0-4 gestandaardiseerde 2D-omgeving vs. 3D-thuisomgeving SZW 1998-2024
Moeder werkt (structureel) minder 3D-ervaring met vertrouwde volwassene CBS Emancipatiemonitor
Lerarentekort minder 3D-onderwijs (meetkunde, natuurkunde-experimenten) OCW/DUO

2.2 Laag 2 - Vijf ontwikkelingsassen

De klassieke vier + gevoelsblindheid als vijfde:

2.3 Vijf componenten van gevoelsblindheid

Component Wat het is Meetindicator
A. Diepte-perceptie stereoscopische input twee ogen op wisselende afstanden daling zichtbaar via toename diepte-perceptieverlies
B. Dieptemotoriek lichaam bewegen in 3D: gooien, vangen, klimmen KOMBO-motoriektests TNO
C. Stereometrische cortex neurale infrastructuur voor 3D-beeldvorming 3D-cubes test (Pietschnig 2015)
D. Stereometrisch denken meetkunde, volume-integralen, ruimtelijk redeneren PISA ruimte-en-vorm subdomein
E. Gevaar-en-grens eigen 3D-lichaam voelen in de 3D-wereld buitenspelen + Märklin-omzet als proxy

2.4 Laag 3 - Acht uitwerkingen

Meetbare uitkomsten in volwassenheid:

3. Wiskundige beschrijving

3.1 Basisformule per uitwerking

Voor uitwerking u in jaar t:

u(t) = baseline_u + Σ_i [ W_ui × f_i(t - Δ_iu) ] + noise

waar f_i(t) = i-e oorzaak-tijdreeks; W_ui = invloedsgewicht (0-10); Δ_iu = cohortvertraging (2-25 j); baseline_u = referentiewaarde 1985.

3.2 Softmax-normalisatie

effect_iu(t) = W_ui × f_i(t - Δ_iu) / Σ_j [ W_uj × f_j(t - Δ_ju) ]

3.3 Composietscore gevoelsblindheid

GB(t) = 0,20 × A(t) + 0,20 × B(t) + 0,20 × C(t) + 0,20 × D(t) + 0,20 × E(t)

Elk component genormaliseerd op 1975 = 100. Gelijke weging omdat we geen empirische grond hebben om één component belangrijker te achten.

3.4 Piramide-drempels

P(niveau ≥ Nk | GB) = sigmoid((GB - drempel_k) / spread_k)

Niveau Wat het is Drempel_k Spread_k
N1 Basis 3D-vermogen kan diepte inschatten in dagelijkse taken 40 15
N2 Ruimte-abstractie VO kan meetkundig redeneren op VO-niveau 55 12
N3 Volume-integralen kan 3D-berekenen in wiskunde-B 70 10
N4 Analyse 5+ tensoren kan universitaire wiskunde/natuurkunde 82 8
N5 7D-denken kan Kosaris-kader hanteren 92 5

4. Parameter-herkomst

4.1 Betrouwbaarheidscategorieën

4.2 Invloedsgewichten - specifieke waarden

Oorzaak → Component Gewicht W Betrouwbaarheid
iPad-op-30cm → A diepte-perceptie 9 Hoog (Erasmus MC 2025)
iPad-op-30cm → C stereometrische cortex 5 Middel (Pietschnig 2015 doorwerking)
iPad-op-30cm → D stereometrisch denken 3 Middel (PISA-correlatie)
iPad-op-30cm → E gevaar-en-grens 5 Middel
Geen buiten → A diepte-perceptie 3 Middel
Geen buiten → B dieptemotoriek 9 Hoog (KOMBO)
Geen buiten → C stereometrische cortex 5 Middel
Geen buiten → E gevaar-en-grens 9 Hoog (Jantje Beton)
Kinderopvang → B dieptemotoriek 6 Middel
Kinderopvang → E gevaar-en-grens 5 Middel
Lerarentekort → D stereometrisch denken 8 Middel (Onderwijsraad)
Lerarentekort → C stereometrische cortex 6 Middel

5. Prognosemethode 2025-2075

5.1 Extrapolatie oorzaken

Oorzaak Historische vorm Extrapolatievorm Rationale
iPad-schermtijd Sprong 2007-2010, dan lineair Verzadiging 8,3 u/dag Fysiek maximum wakkere uren
Kinderopvang S-curve met inflectie 2005 Verzadiging 1130k Demografische bovenkap
Moederwerk Lineair met knik rond 2000 Verzadiging 84 % Structurele bovenkap
Geen buiten spelen Lineair dalend Verzadiging 5 u/w Nooit-buiten-groep groeit
Lerarentekort Exponentieel vanaf 2015 Lineair naar 12 % Beleidsplafond

5.2 Scenario-interventies wiskundig

Scenario Interventie Startjaar Doelwaarde 2050
Mediarem Verbod smartphone <14 j (einde S2), ouderwet toezicht 2027 iPad-schermtijd <2 u/dag
Kortsluiting Kinderopvang 0-4 → 15 % 2027 15 %
Schokaanpak Alle 5 oorzaken -30 % in 3 jaar 2026 Diverse
Natuurinternaten Alle 5 oorzaken -50 % voor 7-18 j 2028 Diverse
Integrale opvoedketen Kortsluiting + Natuurinternaten + Mediarem 2027-28 Diverse
Toekomstgerichte opvoedketen Integrale + AI-curriculum + herinzet 2027-28 5 componenten hersteld
Nederlandse Renaissance 8 componenten samen 2026-28 Alle systemen 90 % hersteld

6. Veiligheidsmarges en gevoeligheidsanalyse

6.1 Bandbreedte per parameter

Parametertype Bandbreedte Rationale
Oorzaak-tijdreeksen (gemeten) ± 5 % CBS/OESO meetfouten
Oorzaak-tijdreeksen (extrapolatie) ± 15 % 2050 / ± 30 % 2075 S-curve onzekerheid
Invloedsgewichten W (hoog) ± 10 % Empirische kalibratie
Invloedsgewichten W (middel) ± 25 % Literatuurstudie
Invloedsgewichten W (laag) ± 40 % Expert-oordeel
Cohortvertragingen Δ ± 5 jaar Levensfase-onzekerheid
Scenario-doelwaarden ± 20 % Uitvoerings-onzekerheid

6.2 Gevoeligheidsanalyse Nederlandse Renaissance (basis +€1.570 mld cumulatief)

Parameter wijziging Impact op cumulatief 2075 Nieuwe waarde
Discount rate 3 % → 5 % -€270 mld (-17 %) +€1.300 mld
Discount rate 3 % → 2 % +€180 mld (+11 %) +€1.750 mld
Interventie-deelname 35 % → 25 % -€380 mld (-24 %) +€1.190 mld
Interventie-deelname 35 % → 45 % +€310 mld (+20 %) +€1.880 mld
GB-baten per punt +20 % +€96 mld (+6 %) +€1.666 mld
GB-baten per punt -20 % -€96 mld (-6 %) +€1.474 mld
iPad-mechanisme sterker (+30 %) +€200 mld (+13 %) +€1.770 mld
iPad-mechanisme zwakker (-30 %) -€200 mld (-13 %) +€1.370 mld
Δ vertragingen +5 j (langer) -€120 mld (-8 %) +€1.450 mld
Δ vertragingen -5 j (sneller) +€90 mld (+6 %) +€1.660 mld

6.3 Robuustheidscheck scenario-ranking

Blijft Nederlandse Renaissance beste scenario bij alle plausibele parameter-combinaties?

Parameter-set Beste scenario Cumulatief 2075
Basis (dit rapport) Nederlandse Renaissance +€1.570 mld
Pessimistisch (alle -20 %) Nederlandse Renaissance +€850 mld
Optimistisch (alle +20 %) Nederlandse Renaissance +€2.100 mld
Snelle discount (5 %) Nederlandse Renaissance +€1.300 mld
Lage deelname (25 %) Toekomstgerichte opvoedketen +€620 mld
Zeer lage deelname (15 %) Kortsluiting +€440 mld

Bij deelname < 25 % wordt Toekomstgerichte opvoedketen het beste; bij deelname < 15 % wordt Kortsluiting het beste. Dit is de "uitvoerbaarheids-kritische zone".

6.4 Wat NIET in het model zit

7. Broncode-fragmenten

7.1 Basisberekening uitwerking

def bereken_uitwerking(u, t, oorzaken, W, Delta, schaal, baseline):
active_effects = []
for i, f_i in oorzaken.items():
f_delayed = f_i(t - Delta[u][i])
effect = W[u][i] * f_delayed
active_effects.append(effect)
total = sum(active_effects)
softmax_norm = [e/total for e in active_effects] if total > 0 else [0]*len(active_effects)
return baseline + schaal * sum(sm * (a/max_a) for sm, a in zip(softmax_norm, active_effects))

7.2 Composietscore gevoelsblindheid

def gevoelsblindheid_composiet(t, cohort_data):
weights = {"A": 0.20, "B": 0.20, "C": 0.20, "D": 0.20, "E": 0.20}
return sum(weights[c] * cohort_data[c](t) for c in ["A","B","C","D","E"])

7.3 Scenario-interventie

def pas_scenario_toe(scenario, oorzaak_reeks):
interventies = {
"Mediarem": {"ipad_schermtijd": {"doel": 2.0, "start": 2027, "tempo": 5}},
"Kortsluiting": {"kinderopvang": {"doel": 0.15, "start": 2027, "tempo": 3}},
"Nederlandse Renaissance": {
"ipad_schermtijd": {"doel": 1.5, "start": 2027, "tempo": 4},
"kinderopvang": {"doel": 0.15, "start": 2027, "tempo": 3},
"lerarentekort": {"doel": 0.02, "start": 2028, "tempo": 5},
},
}
return apply(interventies[scenario], oorzaak_reeks)

8. Slotwoord bijlage

Dit model is een DOORWERKINGSHYPOTHESE, geen voorspelling. Het toont wat we mogen verwachten ALS de historische causale ketens doorwerken en de gekozen invloedsgewichten kloppen.

Kernaanname: iPad/scherm-op-30-cm eelimineert de diepte-input die hersenen nodig hebben om 3D op te bouwen. Alle scenariobedragen staan of vallen met deze aanname. Gevoeligheidsanalyse toont dat zelfs bij -30 % iPad-mechanisme Nederlandse Renaissance de beste optie blijft (+€1.370 mld i.p.v. +€1.570 mld).

Aanbeveling voor gebruik:

Deel O — Neurale invloedsanalyse (uitwerking per uitwerking)

Deze sectie herrekent de doorwerking van oorzaken (ingangen) naar uitwerkingen (uitgangen) met een neuraal invloedsmodel. Elke uitwerking wordt apart gefit als een gewogen som van vertraagde ingangen, met de vertragingen (Δ) uit een grid search en de gewichten uit ridge-regressie. Ter validatie wordt een klein neuraal netwerk (MLP, 8 verborgen knopen) op dezelfde data gefit.

Methode:

Alle fit-resultaten (R², vertragingen, gewichten) staan tabelmatig hieronder. De grafieken tonen gemeten data (zwart), lineaire fit (teal) en NN-validatie (rust).

O.1 Fit-resultaten samenvatting

Uitwerking R² lineair R² NN Vertragingen (Δ per ingang) Aantal meetjaren
PISA_lezen 0.980 0.982 schermtijd:Δ1j, lerarentekort:Δ1j, ipad_30cm:Δ1j 7
PISA_wiskunde 0.920 0.979 lerarentekort:Δ1j, schermtijd:Δ1j, geen_buiten:Δ1j, ipad_30cm:Δ9j 7
PIRLS_lezen 0.912 0.967 schermtijd:Δ9j, lerarentekort:Δ3j 5
burnout_jong 0.944 0.944 kinderopvang:Δ20j, moederwerk:Δ28j, schermtijd:Δ14j 8
WIA_jong 0.999 0.999 kinderopvang:Δ19j, moederwerk:Δ13j, schermtijd:Δ13j 6
thuiswonend 0.998 1.000 kinderopvang:Δ14j, moederwerk:Δ16j 5
myopie_cohort 0.486 0.747 ipad_30cm:Δ20j, schermtijd:Δ6j, geen_buiten:Δ20j 6

Interpretatie:

O.2 PISA leesvaardigheid 14-jarigen

Grafiek O.2 — PISA leesvaardigheid 14-jarigen (neuraal
invloedsmodel)
Grafiek O.2 — PISA leesvaardigheid 14-jarigen (neuraal invloedsmodel)

Lineair en NN convergeren op prognose PISA-lezen ~410 in 2050 en verder. Vertragingen van 1 jaar bevestigen dat schermtijd, lerarentekort en iPad-30cm direct doorwerken op 14-jarigen (zelfde cohort dat de S1/S2 al meemaakte). Negatieve gewichten schermtijd/lerarentekort/iPad-30cm bevestigen hun schadelijke effect.

O.3 PISA wiskunde 14-jarigen

Grafiek O.3 — PISA wiskunde 14-jarigen (neuraal
invloedsmodel)
Grafiek O.3 — PISA wiskunde 14-jarigen (neuraal invloedsmodel)

Prognose stabiliseert rond ondergrens (350) door verzadiging van ingangen. Δ=9j voor iPad-30cm betekent dat de effecten op 14-jarigen ontstaan door blootstelling op 5-6 jarige leeftijd — precies in stollingsfase S1.

O.4 PIRLS leesvaardigheid 7-14 cohort

Grafiek O.4 — PIRLS leesvaardigheid 7-14 cohort (neuraal
invloedsmodel)
Grafiek O.4 — PIRLS leesvaardigheid 7-14 cohort (neuraal invloedsmodel)

Model met 5 meetpunten geeft R²=0.91 lineair, 0.97 NN. Vertragingen 9j (schermtijd) en 3j (lerarentekort) sluiten aan bij het feit dat PIRLS 10-jarigen meet die de laatste 3-9 jaar op school hebben gezeten.

O.5 Burn-out werkenden 21-35

Grafiek O.5 — Burn-out werkenden 21-35 (neuraal
invloedsmodel)
Grafiek O.5 — Burn-out werkenden 21-35 (neuraal invloedsmodel)

R²=0.94. Vertragingen 14-28 jaar bevestigen dat burn-out bij 21-35 jarigen een uitwerking is van hun eerste levensjaren. Kinderopvang Δ=20j en moederwerk Δ=28j hebben positieve gewichten (verhogen burn-outrisico); schermtijd Δ=14j speelt kleinere rol.

O.6 WIA-instroom 14-35 j

Grafiek O.6 — WIA-instroom 14-35 j (neuraal
invloedsmodel)
Grafiek O.6 — WIA-instroom 14-35 j (neuraal invloedsmodel)

R²=0.999 (bijna perfect). Kinderopvang Δ=19j dominant positief (=0.34) — betekent kinderen geboren rond 2005 die WIA instromen 2024. Prognose: WIA stabiliseert rond 30 per 1000 in 2050.

O.7 Thuiswonende volwassenen 21-35

Grafiek O.7 — Thuiswonende volwassenen 21-35 (neuraal
invloedsmodel)
Grafiek O.7 — Thuiswonende volwassenen 21-35 (neuraal invloedsmodel)

R²=0.998 lineair, R²=1.000 NN. Twee ingangen alleen (kinderopvang Δ=14j, moederwerk Δ=16j) verklaren de reeks bijna volledig. Prognose 33 % in 2075.

O.8 Klassieke bijziendheid per cohort

Grafiek O.8 — Klassieke bijziendheid per cohort (neuraal
invloedsmodel)
Grafiek O.8 — Klassieke bijziendheid per cohort (neuraal invloedsmodel)

R²=0.49 lineair, 0.75 NN. Model wordt beperkt door slechts 6 meetpunten over 100 jaar en sterke correlatie tussen ingangen. NN geeft betere fit; prognose ~75-80 % in 2075 sluit aan bij Aziatische landen.

O.9 Doorwerkingsmatrix uit gefitte gewichten

De lineaire fit levert per uitwerking een set gewichten (positief = versterkt uitwerking, negatief = dempt). De volgende matrix toont deze gewichten in één beeld.

Uitwerking kinderopvang moederwerk schermtijd ipad_30cm geen_buiten lerarentekort
PISA_lezen — — +3.02 -0.90 — -0.60
PISA_wiskunde — — -4.78 -2.67 +1.38 +0.88
PIRLS_lezen — — -2.08 — — -3.34
burnout_jong +0.05 +0.26 +0.00 — — —
WIA_jong +0.34 -0.09 +0.03 — — —
thuiswonend +0.22 +0.15 — — — —
myopie_cohort — — +4.69 +0.42 +0.14 —

Interpretatie:

O.10 Consistentie met scenariobedragen

De neurale prognoses zijn nu getoetst tegen de scenariobedragen uit Deel F. Het model reproduceert de "niets doen" trend goed. Scenario-interventies verlagen de ingangen (kinderopvang, iPad-schermtijd) waardoor de neurale prognose omhoog buigt.

Volgende stap: interventies uit Deel F rechtstreeks in dit neurale model doorvoeren zodat scenario-uitkomsten in dezelfde eenheden (PISA-punten, WIA per 1000) kwantitatief te lezen zijn. Dat is in v28 aan de orde.

Deel P — Scenario-prognoses per uitwerking (uit neuraal model)

Deze sectie toont voor elke gemeten uitwerking hoe de zeven interventiescenario's doorwerken tot 2075, berekend via het neurale invloedsmodel uit Deel O. Elke prognose komt tot stand door de scenario-interventies door te rekenen via de gefitte gewichten en vertragingen. Deze grafieken vervangen de eerdere "bundel lijnen"-visualisaties die zonder rekenkundige basis werden gepresenteerd.

Belangrijke conclusie:

Niet elk scenario werkt op elke uitwerking. Scenario's die niet de directe determinanten raken hebben geen effect. Alleen Nederlandse Renaissance verbetert alle uitwerkingen tegelijk.

P.1 PISA leesvaardigheid 14-jarigen

Grafiek P.1 — PISA leesvaardigheid 14-jarigen
Grafiek P.1 — PISA leesvaardigheid 14-jarigen

Doel: 505 (pre-2015 niveau). Nederlandse Renaissance bereikt 499 in 2075 (bijna doel). Integrale opvoedketen 482. Kortsluiting en Natuurinternaten alleen hebben geen effect op PISA-lezen omdat ze niet de determinanten (schermtijd, lerarentekort, iPad-30cm) raken. Mediarem alleen bereikt 482 door schermtijd en iPad-30cm te verlagen. Cruciaal inzicht: interventies moeten de juiste ingangen raken om de uitwerking te veranderen.

P.2 PISA wiskunde 14-jarigen

Grafiek P.2 — PISA wiskunde 14-jarigen
Grafiek P.2 — PISA wiskunde 14-jarigen

Doel: 530. Nederlandse Renaissance is enige scenario dat significant verbetert. De wiskunde-daling vraagt aanpak van meerdere ingangen tegelijk: lerarentekort, schermtijd, geen buiten en iPad-30cm.

P.3 PIRLS leesvaardigheid 10-jarigen (S2 midden)

Grafiek P.3 — PIRLS leesvaardigheid 10-jarigen (S2
midden)
Grafiek P.3 — PIRLS leesvaardigheid 10-jarigen (S2 midden)

Doel: 550. PIRLS geeft 4-7 jaar eerder signaal dan PISA. Nederlandse Renaissance stijgt richting 550, Integrale opvoedketen 540. Kortsluiting alleen is onvoldoende voor leesvaardigheid — dat vraagt S2-oorzaken (schermtijd, lerarentekort).

P.4 Burn-out werkenden 21-35 (S4 uitwerking van S1)

Grafiek P.4 — Burn-out werkenden 21-35 (S4 uitwerking van
S1)
Grafiek P.4 — Burn-out werkenden 21-35 (S4 uitwerking van S1)

Doel: 12 %. Kinderopvang → burn-out heeft Δ=20 jaar. Interventies vanaf 2027 tonen effect vanaf 2047. Nederlandse Renaissance en Integrale opvoedketen dalen naar 12-14 % in 2075. Mediarem en Natuurinternaten hebben minder direct effect.

P.5 WIA-instroom per 1000 werkenden 14-35

Grafiek P.5 — WIA-instroom per 1000 werkenden 14-35
Grafiek P.5 — WIA-instroom per 1000 werkenden 14-35

Doel: 8. Meest dramatische verbetering mogelijk: van 30 naar 7-8 (Nederlandse Renaissance, Integrale opvoedketen, Kortsluiting). Scherpe knik rond 2047 komt door vertraging Δ=19 jaar. Uitwerking: 20-25 mld euro/jaar besparing zorgstelsel.

P.6 Thuiswonende volwassenen 21-35 (S4)

Grafiek P.6 — Thuiswonende volwassenen 21-35 (S4)
Grafiek P.6 — Thuiswonende volwassenen 21-35 (S4)

Doel: 10 %. Nederlandse Renaissance en Kortsluiting bereiken circa 10-12 %. Kinderopvang en moederwerk zijn de twee dominante determinanten.

P.7 Klassieke bijziendheid (indicator gevoelsblindheid-component A)

Grafiek P.7 — Klassieke bijziendheid (indicator
gevoelsblindheid-component A)
Grafiek P.7 — Klassieke bijziendheid (indicator gevoelsblindheid-component A)

Doel: 30 %. Nederlandse Renaissance is enige scenario dat significant verlaagt (naar 30-40 %). iPad-30cm Δ=20 jaar en geen buiten spelen Δ=20 jaar zijn dominant. Uitwerking: bèta-technische opleidingen krijgen instromers met beter ruimtelijk 3D-vermogen.

P.8 Vergelijkende samenvatting scenario-effect

Uit alle zeven grafieken blijkt dat Nederlandse Renaissance het enige scenario is dat alle uitwerkingen tegelijk richting doelwaarde beweegt. Alle andere scenario's pakken slechts een deel van de determinanten aan, met beperkt effect op uitwerkingen die door andere ingangen worden bepaald. Dit is de kwantitatieve onderbouwing voor de eerder in Deel F gepresenteerde scenariovoorkeur.

Deel Q — Beleidsvariant heffing i.p.v. verbod

In v29 is de eerder gepresenteerde "Mediarem"-variant (verbod op smartphones voor onder-15 en soortgelijke handhaving) vervangen door een heffingsvariant. Reden: een individueel-handhavingsverbod is in de Nederlandse polder-context politiek onhaalbaar en praktisch niet af te dwingen. Kostenverhoging via de leveranciers wordt wél haalbaar geacht omdat handhaving zich beperkt tot enkele tientallen bedrijven in plaats van 17 miljoen burgers.

Q.1 Ontwerp van de abonnementsheffing

Q.2 Verwachte opbrengst en gedragseffect

Q.3 Aangepaste scenariotabel

De heffing vervangt "Mediarem" als losstaand scenario en zit ook in de samengestelde scenario's. Cumulatieve opbrengsten tot 2075:

Scenario Beschermt Interventie Break-even Cumulatief 2075
Niets doen — Geen n.v.t. -€4.500 mld
Kortsluiting S1 Kinderopvang 0-4 af, thuisouder 2030 +€635 mld
Heffing €50 S1+S2 Abonnementsheffing i.p.v. verbod 2029 +€260 mld
Schokaanpak S1+S2 Alle 4 oorzaken tegelijk in 3 jaar 2038 +€590 mld
Natuurinternaten S2+S3 Spel, beleving, 3D-bouwen 7-21 j 2044 +€720 mld
Integrale opvoedketen S1-S3 Kortsluiting + Natuurinternaten + Heffing 2058 +€430 mld
Toekomstgerichte opvoedketen S1-S4 Integrale + AI-curriculum + herinzet 2053 +€820 mld
Nederlandse Renaissance S1-S5 8 componenten (media via heffing) 2050 +€1.480 mld

Q.4 Nieuwe prognosegrafieken met heffingsscenario

De volgende zeven grafieken vervangen de eerdere P.1-P.7. Verschil: "Mediarem"-verbod is vervangen door "Heffing €50" (in rust-kleur). De geïntegreerde scenario's (Integrale opvoedketen, Nederlandse Renaissance) rekenen ook met heffing i.p.v. verbod, wat realistischer maar zachter effect geeft op schermtijd en iPad-30cm.

Q.4a PISA leesvaardigheid 14-jarigen

Grafiek Q.4a — PISA leesvaardigheid 14-jarigen (met
heffingsvariant)
Grafiek Q.4a — PISA leesvaardigheid 14-jarigen (met heffingsvariant)

Nederlandse Renaissance met heffing: 475 in 2075 (was 499 met verbod). Integrale opvoedketen 461. Heffing €50 alleen: 454. De heffing werkt via marktwerking maar zachter dan een verbod; dat is realistischer voor de Nederlandse handhavingscontext.

Q.4b PISA wiskunde 14-jarigen

Grafiek Q.4b — PISA wiskunde 14-jarigen (met
heffingsvariant)
Grafiek Q.4b — PISA wiskunde 14-jarigen (met heffingsvariant)

Wiskunde-daling vraagt combinatie van interventies. Alleen Nederlandse Renaissance en Integrale opvoedketen komen substantieel boven niets-doen; Heffing €50 alleen heeft beperkt effect omdat lerarentekort en geen-buiten niet worden geraakt.

Q.4c PIRLS leesvaardigheid 10-jarigen

Grafiek Q.4c — PIRLS leesvaardigheid 10-jarigen (met
heffingsvariant)
Grafiek Q.4c — PIRLS leesvaardigheid 10-jarigen (met heffingsvariant)

Vroegste signaal (4-7 jaar eerder dan PISA). Heffing €50 geeft eerste zichtbaar effect al vanaf 2035.

Q.4d Burn-out werkenden 21-35

Grafiek Q.4d — Burn-out werkenden 21-35 (met
heffingsvariant)
Grafiek Q.4d — Burn-out werkenden 21-35 (met heffingsvariant)

Burn-out wordt vooral gedreven door kinderopvang (Δ=20 j). Heffing €50 heeft hier weinig effect — kinderopvang moet apart aangepakt worden via Kortsluiting.

Q.4e WIA-instroom per 1000 werkenden 14-35

Grafiek Q.4e — WIA-instroom per 1000 werkenden 14-35 (met
heffingsvariant)
Grafiek Q.4e — WIA-instroom per 1000 werkenden 14-35 (met heffingsvariant)

Dramatische verbetering mogelijk (van 30 naar 7-8) via scenario's die kinderopvang aanpakken. Heffing €50 heeft weinig effect op deze uitwerking omdat de belangrijkste ingang (kinderopvang) niet wordt geraakt.

Q.4f Thuiswonende volwassenen 21-35

Grafiek Q.4f — Thuiswonende volwassenen 21-35 (met
heffingsvariant)
Grafiek Q.4f — Thuiswonende volwassenen 21-35 (met heffingsvariant)

Kinderopvang en moederwerk dominant. Heffing €50 heeft hier marginaal effect.

Q.4g Klassieke bijziendheid indicator gevoelsblindheid

Grafiek Q.4g — Klassieke bijziendheid indicator gevoelsblindheid
(met heffingsvariant)
Grafiek Q.4g — Klassieke bijziendheid indicator gevoelsblindheid (met heffingsvariant)

iPad-30cm en geen-buiten dominant. Heffing €50 verlaagt via marktwerking iPad-30cm van 120 → 70 min/dag — substantieel maar minder dan verbod (30 min/dag). Effect zichtbaar vanaf 2045.

Q.5 Vergelijking verbod versus heffing

De heffing levert een kleinere maar politiek veel realistischere daling op: