TAAL · Nederlands

ANALYSE · TIEN GEMEENTEN · JUNI 2026

Het Open Vizier

Een krant over denken zonder oogkleppen

Gratis informatieblad zonder reclameOnafhankelijk, geen mening, geen verkoop van gegevensHoud mij op de hoogte →

ANALYSE · TIEN GEMEENTEN · JUNI 2026

De halve gemeente

Wat gebeurt er met een stad als de helft van het stadhuis verdwijnt?

Juni 2026 · Jacobus van Merksteijn

Stel: morgen besluit een Nederlandse stad dat het bestuur anders gaat werken. Niet met een raad en een college, maar met blokken — wijkblokken voor de wijken, stadsdeelblokken voor de stadsdelen, een topblok voor de hele stad. Burgers besturen, geen beroepspolitici. Een systeem registreert alles wat ze beslissen, controleert of ze hun stukken gelezen hebben, en bewaart de geschiedenis zo dat een verkeerd besluit altijd terug te draaien is.

Dat heet VMB-EGS. Het is geen Brits of Zwitsers experiment, geen import uit een ander land. Het is een ontwerp dat hier is bedacht, doordacht en doorgerekend.

De vraag is simpel: wat gebeurt er met een stad als ze dit systeem volledig invoert?

Tien gemeenten, één systeem

Om de discussie concreet te maken: tien voorbeelden, dwars door Nederland. Van wereldstad tot Twentse forensengemeente. Eén systeem, tien instanties, dezelfde zero-base methode. De cijfers zijn gebaseerd op gepubliceerde jaarstukken en de Personeelsmonitor Gemeenten 2024.

Tien gemeenten doorgerekend
GemeenteInwonersHuidig FTEVMB-EGS FTENu /inw.Straks /inw.
Amsterdam941.87317.9002.430€ 2.123€ 293
Rotterdam657.00014.3421.800€ 2.183€ 304
Den Haag575.00010.1931.578€ 1.878€ 304
Utrecht380.0005.600954€ 1.770€ 272
Eindhoven250.000~1.700735~€ 1.100€ 312
Groningen240.000~3.000703~€ 1.500€ 308
Arnhem165.000~1.700505~€ 1.100€ 309
Enschede162.6711.830527€ 944€ 329
Maastricht121.000~1.500395~€ 1.200€ 339
Borne25.038~15090~€ 560€ 296

Een ambtelijke organisatie van een fractie van wat ze nu is. Een budget van een fractie van wat het nu kost. Geen bezuinigingsdrift, maar een gevolg van een ander ontwerp.

Onder VMB-EGS schommelt de kostprijs tussen €272 (Utrecht) en €339 (Maastricht) per inwoner — een spreiding van factor 1,25. Dat is een normaal schaalverschil voor publieke dienstverlening. Het laat zien dat het systeem schaalonafhankelijk werkt: dezelfde codebase, andere instellingen.

Maar zo eenvoudig is het niet — en juist daarom is het groter

Wie alleen naar deze tabel kijkt, mist de helft van het verhaal. Een ambtelijke organisatie zit niet alleen in salarissen. Ze zit in gebouwen die verwarmd moeten worden, in computers die stroom vragen, in auto's die de spits in rijden, in parkeergarages die ruimte innemen, in papier dat geprint wordt. Wanneer de organisatie krimpt naar een derde, krimpen al deze posten mee. En sommige posten verdwijnen helemaal.

Voor Enschede betekent dat het volgende. Het stadskantoor aan de Hengelosestraat is 16.000 m² groot. Daarnaast staan nevenpanden van 8.900 m² en 5.800 m². Bij elkaar ongeveer 30.000 m² aan kantoorruimte voor ambtenaren. Verminder het aantal ambtenaren van 1.830 naar 527, en je hebt nog ongeveer 6.500 m² nodig — een vijfde van de huidige oppervlakte. De andere vier vijfden komt vrij.

Daar komt nog bij dat een leeg kantoor niet meer gestookt en gekoeld hoeft te worden. De energierekening daalt met ongeveer € 600.000 per jaar. De parkeerplekken rond het stadhuis — 400 tot 650 stuks — kunnen worden teruggegeven aan stadsgrond. Het verkeer naar en van het centrum vermindert met 1.500 tot 2.000 voertuigbewegingen per dag.

Voor Amsterdam zijn de getallen dramatischer. Daar valt het meervoudige aan kantoorruimte vrij, in een binnenstad waar elke vierkante meter telt. Geschatte vastgoedwinst alleen al: € 30 tot 50 miljoen per jaar.

Dit zijn geen marges. Dit zijn substantiële stedelijke veranderingen.

De optelsom

Wat verdwijnt aan loon, ICT, gebouwen, energie en inhuur, samen met wat erbij komt aan vastgoedopbrengst — leidt per stad tot een structurele jaarlijkse winst:

Structurele jaarlijkse winst per gemeente
GemeenteHuidige app.kostenVMB-EGSWinst /jaar
Amsterdam€ 2.000 mln€ 276 mln€ 1.770 mln
Rotterdam€ 1.434 mln€ 200 mln€ 1.260 mln
Den Haag€ 1.080 mln€ 175 mln€ 920 mln
Utrecht€ 672 mln€ 103 mln€ 580 mln
Groningen€ 360 mln€ 74 mln€ 290 mln
Eindhoven€ 275 mln€ 78 mln€ 200 mln
Arnhem€ 182 mln€ 51 mln€ 134 mln
Enschede€ 154 mln€ 54 mln€ 100 mln
Maastricht€ 145 mln€ 41 mln€ 105 mln
Borne€ 14 mln€ 7,4 mln€ 7 mln

Voor deze tien samen: ongeveer € 5,4 miljard per jaar. Tellen we alle 342 gemeenten op, dan komt het uit in de orde van € 10 tot 15 miljard per jaar. Dat is buiten dit artikel — een extrapolatie die elders uitwerking verdient.

Dit geld verdwijnt niet uit de stad. Het verschuift. Een deel gaat terug naar de belastingbetaler. Een deel kan worden geïnvesteerd in onderwijs, zorg of klimaatadaptatie. Een deel valt vrij in vastgoed dat opnieuw productief wordt — als woning, als school, als sportzaal.

Wat doe je met 23.000 m² leeggevallen kantoorruimte midden in de stad? Verbouwen tot woningen levert 120 tot 180 appartementen — in een stad met een woningnood van duizenden.

En de inwoner?

De inwoner merkt iets dat groter is dan een lagere belasting. De inwoner merkt snelheid en zeggenschap.

Een terrasvergunning duurt nu vier tot acht weken. Onder VMB-EGS: een paar uur tot drie dagen. Een wijk-investering van vijfduizend euro duurt nu drie tot vijf maanden. Onder VMB-EGS: één tot drie weken. Een stadsdeel-project van een half miljoen duurt nu zes tot twaalf maanden. Onder VMB-EGS: vier tot tien weken.

Niet alleen sneller. Beter geïnformeerd ook. Voordat iemand mag stemmen over een besluit, moet hij eerst aantoonbaar de stukken hebben gelezen — leestijd is bijgehouden, twee controle-vragen beantwoord, een verklaring ondertekend. Daarna moet er een nacht overheen gaan voordat hij mag stemmen. Geen impulsstemmen. Geen vinkje zonder lezen.

Een wijkblok dat ontdekt dat zijn beslissing onuitvoerbaar is, draait terug naar de laatste stabiele toestand. Geen lange procedure, geen schuldvraag — een normale bewerking.

Wat het systeem niet doet

Eerlijkheid hoort hierbij. Het systeem doet drie dingen niet.

Het lost niet plotseling de jeugdzorg op. Het verandert niet de armoede. Het brengt geen woningen tot stand die er niet zijn. Wat het wel doet is de aanpak van die problemen sneller, transparanter en herzichtbaar maken. Niet de oplossing zelf, wel de weg ernaartoe.

Het kost ook moeite. Een wijkblok werkt alleen als er burgers zijn die de stoelen willen vullen. Bij wijken waar dat niet lukt, neemt het stadsdeelblok over — wat extra last legt op stadsdeel-leden. Vergoeding voor blok-rollen moet realistisch zijn, anders verdroogt het systeem.

En de wet moet mee. De Gemeentewet vereist nu een raad. De positie van de burgemeester is grondwettelijk vastgelegd. AVG begrenst wat het systeem aan persoonsgegevens mag verwerken. Niets onoverkomelijks, maar geen ontwerp dat zonder politieke aanpassing kan landen.

Borne — het kleine voorbeeld

Borne is interessant omdat het laat zien dat het systeem ook naar beneden schaalt zonder onder zijn eigen gewicht te bezwijken.

Borne is een zelfstandige Twentse gemeente met 25.038 inwoners, met daarbinnen de dorpen Hertme en Zenderen. Op dit moment heeft Borne een raad van 19 leden, een college, en een ambtelijk apparaat van rond de 150 FTE. Hertme en Zenderen hebben formeel geen eigen stem — ze staan in de schaduw van de Borne-kern, hooguit een dorpsraad die mag adviseren.

Onder VMB-EGS krijgt Borne een topblok van vijf stoelen voor de hele gemeente. Daaronder drie dorpsblokken: één voor Borne-kern, één voor Hertme, één voor Zenderen. Onder die drie liggen ongeveer zes buurtblokken voor de straten en pleinen. Het Selectie-blok en het Toezicht-blok worden gedeeld met buurgemeenten — voor een gemeente van 25.000 is een eigen pool niet houdbaar.

De apparaatskosten dalen van ongeveer € 560 naar € 296 per inwoner. Niet de spectaculaire reductie die Amsterdam ziet, maar dat is logisch: Borne's organisatie was al kleiner. Wel het ontstaan van iets wat er nu niet is — een gemeente waarin elk van de drie dorpen een eigen stem heeft.

Hertme en Zenderen krijgen voor het eerst een eigen formele stem. Een kapvergunning voor een boom op het Hertmeplein wordt door het Hertme-blok besloten.

Voor de inwoner van Borne verandert er meer dan voor de inwoner van Amsterdam. In Amsterdam betekent VMB-EGS vooral dat het stadhuis kleiner wordt. In Borne betekent het dat Hertme en Zenderen voor het eerst hun eigen tafel hebben — niet één persoon, maar vijf buren.

Het patroon

De cijfers tonen één duidelijk patroon: hoe groter de gemeente, hoe groter de reductie. Niet omdat grote gemeenten verkwistender zijn, maar omdat de bestuurlijke kolom (raad, college, stadsdelen, gebiedscommissies, bestuurssecretariaten) in grote gemeenten zwaarder is en relatief meer wegvalt onder VMB-EGS.

Reductie per gemeente
GemeenteReductie
Amsterdam−86%
Rotterdam−86%
Den Haag−84%
Utrecht−85%
Groningen−79%
Eindhoven−72%
Arnhem−72%
Maastricht−72%
Enschede−65%
Borne−47%

Zelfs een schone, kleine organisatie zoals Borne valt met bijna de helft terug. Voor een wereldstad is de winst ruim vier vijfden. Het systeem schaalt mee.

Een ander beeld van het stadhuis

Wat we tot nu toe stadhuis noemen, is een gebouw waar mensen werken die voorstellen schrijven, stukken voorbereiden, vergaderingen plannen, verantwoordingen opstellen, beleid evalueren. Het is een productieve organisatie van besluiten over besluiten over besluiten.

In het VMB-EGS-model is het stadhuis een uitvoeringsorganisatie. Een Wmo-consulent gaat naar de keukentafel, een jeugdwerker zit naast de tiener, een handhaver staat in de straat, een loketmedewerker geeft een paspoort, een vergunningverlener handelt een aanvraag af. Wat niet meer in het stadhuis zit is de hele kolom van mensen die voor en achter die uitvoering vergaderen, schrijven, controleren, evalueren, communiceren en mandateren.

Die kolom is in dit ontwerp niet weg georganiseerd. Hij verdwijnt omdat hij niet meer nodig is. Het systeem doet wat de kolom deed.

Wat overblijft

Een stad waar besluiten dichter bij de inwoner liggen. Een gemeente waar elk besluit zichtbaar is in een openbaar Spoor — wie stemde wat, op grond van welke stukken, met welk effect achteraf. Een vastgoedportefeuille die ruimer in haar jasje zit, met panden die kunnen worden teruggegeven aan de stad. Een straat met minder verkeer rond het stadhuis. Een belasting die lager is, of een investering in de stad die hoger.

En een dorp dat eindelijk zijn eigen besluit neemt over de boom op het plein. Niet één dorp. Drie dorpen, in Borne. En in elke andere gemeente waar nu een wijk zonder eigen stem zit.

Dat is wat er gebeurt als de helft van het stadhuis verdwijnt. Niet minder bestuur. Beter bestuur.

← Voorpagina