Taal · Nederlands

Wat opkomt · visionair

Het Open Vizier

Een krant over denken zonder oogkleppen

Gratis informatieblad zonder reclameOnafhankelijk, geen mening, geen verkoop van gegevensHoud mij op de hoogte →

Wat opkomt · visionair

Mensen die mee bouwen

Tropische ethanol-steden 2040 — een uitweg die beide kanten dient

Niet wegsturen. Niet binnenhouden. Niet eindeloos discussiëren. Maar verder gaan. Wie hier in Europa geen werk heeft, wie hier in de wachtkamer staat, wie hier zijn talent niet kan inzetten — die kan in de tropen meebouwen aan de ethanol-keten die Europa onafhankelijk maakt. Met een goed huis. Met een school voor de kinderen. Met een bibliotheek. Met internet dat werkt. Met een toekomst.

Auteur
Jacobus van Merksteijn
Datum
20 juni 2026 — Palma, Mallorca
Genre
Visionair stuk · niet als beleidsplan bedoeld, wel als denkrichting
Status
Vervolg op de triptiek "Op de bok of op de bagagedrager"
Trefwoorden
Migratie · ethanol-fabrieken · tropen · partnerlanden · stedenbouw

Het probleem dat we niet durven oplossen

Europa heeft de afgelopen vijftien jaar een migratie-debat gevoerd dat in cirkels draait. Pro en contra. Open of dicht. Streng of mild. Procentpunten in peilingen. Stikstof aan de Poolse grens en hekken aan de Middellandse Zee. Wat de discussie nooit doet: een derde optie aanbieden. Een uitweg waar beide kanten iets aan hebben.

Tegelijk zit Europa met een ander probleem dat het ook niet oplost. De ethanol-fabrieken die we nodig hebben voor de Carbon-Alert-route komen niet vanzelf op de juiste plek terecht. Cellulose-feedstock groeit het snelst in de tropen. De zon staat het langst hoog. Het water valt vaker. De groeiseizoenen zijn jaarrond. Een ethanol-cluster in Mozambique, Brazilië of Indonesië produceert per hectare twee tot drie keer wat een Nederlandse maïs-installatie haalt — en bouwt er een dorp omheen.

Drie gedachten samenleggen. Drie probleem-vergrendelingen openleggen. Eén weg vooruit.

De koetsier op de bok ziet de weg. Hij ziet ook wie mee kan helpen sturen. Niet als last. Niet als nummer. Maar als mens die ergens om gevraagd wordt.

Wie hier wacht, kan dáár leiden

In Nederland en in heel Europa zit een groep mensen klem. Ze zijn hier aangekomen. Ze willen werken. Ze willen iets opbouwen. Ze willen verder. Maar ons systeem houdt ze in een wachtkamer — soms vijf jaar lang, soms langer. Geen verblijfsstatus, geen werkvergunning, geen perspectief. Voor wie hier graag wil blijven is dat al pijnlijk. Voor wie hier eigenlijk niet wil blijven — wie niet eens kón kiezen waar hij naartoe vluchtte — is het ronduit wreed.

Stel voor: dezelfde mensen krijgen een ander aanbod. Niet "ga maar terug". Niet "wij regelen het". Maar: kom mee bouwen. Wij hebben werk dat past bij waar jij vandaan komt en bij wat jij wilt worden. Een twee-jarige opleiding in pellet-productie, distillatie-operatie, SOFC-onderhoud, agrarische logistiek. Daarna een driejarig contract in een partnerland in de tropen. Eigen huis. Eigen salaris. Eigen perspectief. En, als ze willen, daarna burgerschap in dat land — of terug naar Europa met een vak.

De cijfers achter dit voorstel zijn eenvoudig. Carbon-Alert bij 50 GW Europese uitrol vereist 350.000 directe banen in de keten. Een derde daarvan — circa 120.000 banen — zit in de tropische feedstock-productie. Dat zijn 120.000 mensen die nodig zijn op plekken waar ze welkom zijn, met salarissen die in een Europese context goed zijn en in lokale context uitstekend, met een rol die concreet bijdraagt aan de wereld.

Wat we bouwen — concreet, ruw en oprecht

Tropische ethanol-stad 2040

Geen werkkamp. Geen barak. Geen tijdelijke huisvesting met containerwoningen. Een echte stad. Met de spullen die mensen waardig maken.

  • Goede huizen — 80 tot 120 vierkante meter, eigen tuin, koelte-bouw aangepast aan tropisch klimaat. Eigendom na vijf jaar werken.
  • Scholen — basisonderwijs én voortgezet onderwijs, met Engelse en lokale curricula. Lerarensalarissen op niveau dat docenten aantrekt.
  • Bibliotheken — fysiek én digitaal. Boekencollecties in lokale taal, Engels en de hoofdtalen van de werknemers. Studieplekken, kinderhoek, lezingen.
  • Goede wegen — geasfalteerd, met regenwaterafvoer, aangelegd vóór de fabriek opent. Niet erna.
  • Snel internet — glasvezel, 1 Gbit per huishouden minimum. Niet 4G-via-zendmast. Echt internet, betrouwbaar, betaalbaar.
  • Een ziekenhuis — geen eerstehulppost, een ziekenhuis. Met operatiekamer, kraamzorg, kinderafdeling.
  • Een centraal plein — markt, café, muziekpodium, sportveld. Het hart van de stad. Geen industriegebied zonder ziel.

Het kost geld. Maar minder dan u denkt. Een complete tropische stad van 10.000 inwoners kost ongeveer wat één Nederlandse rondweg kost. En het levert iets terug dat een rondweg niet kan: een gemeenschap die productieve energie naar Europa stuurt, vijftig jaar lang.

Waarom dit niet naïef is

Wie dit voor het eerst leest, denkt: dit gaat nooit werken. Te ingewikkeld. Te politiek gevoelig. Te dure infrastructuur. Te veel diplomatie. Te veel risico's. Drie tegenargumenten zijn voorspelbaar — drie antwoorden ook.

"De ontvangende landen willen dit niet." Onjuist. Mozambique, Tanzania, Brazilië, Indonesië, Ghana, Senegal, Colombia, Peru, Vietnam — elk van deze landen heeft een nationale agenda voor industrialisatie. Geen enkele zegt nee tegen €500 miljoen aan infrastructuur in ruil voor een vijftig-jarige feedstock-overeenkomst. De vraag is niet of zij willen. De vraag is of wij durven.

"De mensen willen niet weg uit Europa." Sommigen niet. Velen wel — als het aanbod goed is. Dorpen vol huizen, scholen met internet, salarissen die in lokale context royaal zijn en in Europese context redelijk, vijf jaar werken voor eigendom. Vergelijk dat met vijf jaar wachten in een asielprocedure zonder werkrecht. De keuze hoeft niemand opgelegd te worden — alleen aangeboden.

"Dit is kolonialisme onder een ander label." Het tegendeel. Kolonialisme nam mensen en grondstoffen uit een land zonder iets terug te geven en zonder lokaal eigenaarschap. Dit voorstel bouwt steden waar de bewoners de eigenaren zijn. Vijftig procent lokale werknemers, vijftig procent migrant. De fabriek wordt na vijftien jaar het eigendom van een lokale coöperatie. De Europese inbreng is kapitaal en techniek voor een afgesproken periode, niet bezit voor altijd.

Wat dit voor Nederland en Europa betekent

Nederland heeft 380.000 werkzoekenden in 2026. Een deel daarvan — sommigen zonder dat ze hier ooit hebben kunnen wortelen — krijgt een eerlijke kans op iets nieuws. Dat verlicht direct de druk op huisvesting, op gezondheidszorg, op de sociale zekerheid. Maar belangrijker: het geeft mensen een toekomst die ze hier niet konden krijgen. En het geeft Europa een feedstock-keten waar we afhankelijkheid in plaats van invoer over een grens halen.

Spanje telt 2,6 miljoen werklozen. Italië 2,0 miljoen. Frankrijk 2,4 miljoen. Duitsland 2,8 miljoen. Elke regering staat met handen vol. Niemand weet wat te doen. Een Europees programma dat in een partnerland in de tropen 20 ethanol-steden bouwt, kost minder dan één jaar werkloosheidsuitkering in deze vier landen samen. En het lost twee problemen tegelijk op.

We moeten verder. Niet stilstaan.

Out of the box denken. Niet meer in dezelfde cirkel discussiëren.

De koetsier zit op de bok of op de bagagedrager. De steden in de tropen worden door ons gebouwd — of door China. Dat is de keuze die niemand uitspreekt, maar die wel op tafel ligt.

Wie hier in gelooft, gelooft in mensen

Dit voorstel hangt af van één aanname. Dat mensen, mits ze een eerlijke kans krijgen, hun toekomst zelf willen pakken. Dat een Eritreaanse jongen die nu drie jaar in een Brabants AZC wacht, liever in een tropische stad met goed werk en een eigen huis woont dan eindeloos in onzekerheid. Dat een Syrische lerares die hier niet voor de klas mag, liever Engels lest in een nieuwe bibliotheek in Mozambique dan boodschappentassen vult bij een Nederlandse supermarkt.

Wie deze aanname niet wil maken, gelooft niet in mensen. Wie haar wél maakt, ziet een uitweg uit twee vergrendelde discussies tegelijk.

De koetsier op de bok kijkt vooruit. Niet alleen naar de weg. Ook naar wie mee kan rijden, mee kan sturen, mee kan bouwen aan wat hierna komt. Dat is geen idealisme. Dat is gewoon de moed om verder te denken dan de wachtkamer waar we allebei in zitten.

Dit stuk hoort bij

Het triptiek "Op de bok of op de bagagedrager":

1. Op de bok of op de bagagedrager — het sturend artikel

2. Visie 2036 — Carbon-Alert Energie-Hub — het technische ontwerp

3. Open brief aan de regeringen van Europa — de oproep

Jacobus van Merksteijn

Jacobus van Merksteijn

Hoofdredacteur van Het Open Vizier. Ondernemer, ontwikkelaar van industriële en governance-innovaties (Carbon-Alert Ltd, TerraClean Ltd, GuardSkin Ltd). Schrijft over economische, ecologische en politieke systeemvraagstukken vanuit ervaring met de Brusselse en Haagse besluitvormingsmachine.